Vertrouwelijk

Elke dag vraagt de redactie van de UK zich af: waar schrijven we over, waarom schrijven we erover en hoe? Daarom een wekelijks kijkje achter de schermen.

Ik woon hier nu zo’n zes jaar, en inmiddels denk ik dat ik het hoger onderwijs in Nederland iets beter begrijp dan het systeem in mijn eigen land. Het enige wat je moet weten om de Nederlandse academische wereld te begrijpen, is dat elke verandering op zo’n beetje elk niveau eenstemmig moet worden goedgekeurd.

Veel van deze voorstellen komen op een of ander moment wel langs een raad of afdeling van de universiteit. Zo zou het moeten gaan: bij de maandelijkse vergaderingen van een faculteitsraad zijn de stukken die op de agenda staan openbaar en beschikbaar, tenzij er wordt vergaderd over personeelszaken (inhuren of ontslag) of zakelijke onderhandelingen. Ze moeten dus ook beschikbaar zijn voor journalisten.

De UK ontving de agenda en bijbehorende stukken altijd van het secretariaat van de faculteit. Dit kwam binnen via e-mail of in een grote envelop in ons postvakje in het Academiegebouw. Er zijn meestal twee dagen nodig om alles wat er in de stukken staat te begrijpen – ze staan vol met afkortingen voor allerlei obscure commissies en projecten binnen de afdeling. Als je zonder die stukken naar de vergaderingen luistert, kom je niet ver – ze spreken daar een compleet eigen taal, of de vergadering nou in het Engels of Nederlands is.

‘Toch niet interessant’

Ere wie ere toekomt: sommige faculteiten stellen hun stukken weken van tevoren beschikbaar, en sommige hebben onze p-nummers toegevoegd aan hun MyUniversity-pagina – zodat wij, net zoals de faculteitsleden, de stukken zelf kunnen opzoeken. Maar het afgelopen jaar valt het ons op dat we van sommige faculteiten steeds legere enveloppen ontvangen, als we ze überhaupt al krijgen.

Al enkele maanden ontvangt de UK – in aanloop naar vergaderingen – geen faculteitsraadsstukken meer van letteren. De ‘afspraak’ is dat een freelancer de stukken krijgt als die naar de vergadering komt, maar dat is al meerdere keren niet gebeurd. Als er naar de stukken werd gevraagd, kregen onze schrijvers vaak te horen: ‘Och, dat vind je toch niet interessant.’ Dat bepalen wij zelf wel.

Een van onze wetenschapsfreelancers moest flink strijd leveren om de stukken voor de vergadering van de Faculteit Wiskunde en Natuurwetenschappen van deze woensdag te bemachtigen. Nadat ze maandag in ons postvakje alleen maar kortingsbonnen vond, belde ze het secretariaat van de afdeling om te vragen hoe het zat. De medewerkster aan de telefoon vroeg nerveus of ze het ook eerst met haar collega mocht overleggen.

Een aantal e-mails en meerdere telefoontjes later heeft ze eindelijk de stukken in handen, maar ze kreeg wel een preek over hoe de UK eerdere informatie die in de vergaderingen naar voren kwam ‘verkeerd’ had weergegeven (d.w.z.: er werd over faculteitsplannen geschreven, voordat die officieel aangekondigd waren). Ook werd haar verteld dat het ‘niet normaal’ is dat een journalist de vergadering bijwoont. Daar denken de freelancers, die de afgelopen maanden bij die vergaderingen waren, wel anders over.

Openbare instelling

Vorige week was onze nieuwscoördinator aanwezig bij een vergadering van de universiteitsraad. Toen het onderwerp van promotieonderwijs ter sprake kwam, werd het gevreesde woord ‘vertrouwelijk’ in de mond genomen. Een van de raadsleden vroeg: ‘Waarom is dit onderwerp vertrouwelijk?’ Het antwoord: ‘Wilt u even over uw schouder kijken?’ Met andere woorden: ‘Er zit een journalist in de zaal.’

Het is niet het enige onderwerp dat vertrouwelijk is verklaard. Als het over Yantai gaat, zijn de vergaderingen bijna altijd vertrouwelijk. Maar hetzelfde geldt voor verbouwingsplannen en onroerend goed van de RUG in Groningen zelf.

Deze neiging om steeds meer informatie in nevelen te hullen beperkt zich trouwens niet tot de RUG. Onze collega-universiteitskrant Folia berichtte dat de medezeggenschapsraad van de Hogeschool Amsterdam een formeel verzoek heeft ingediend bij het College van Bestuur, om de stukken die besproken moesten worden gedurende de rest van het academisch jaar niet meer als vertrouwelijk te bestempelen. Het verzoek was mede gemotiveerd door de angst dat vertrouwelijke informatie gelekt zou worden, maar ook door de wens om studenten en medewerkers op de hoogte te houden van de laatste ontwikkelingen.

Waar het uiteindelijk op neerkomt, is dat de RUG – net als de meeste andere Nederlandse universiteiten – een openbare instelling is. Het is daarom van wezenlijk belang dat op elk niveau van de universiteit inzicht moet worden verschaft in de besluitvorming – en de financiële situatie die eraan ten grondslag ligt.

Als journalistiek medium is het onze plicht om deze vergaderingen bij te wonen, de stukken te bekijken, uit te vinden waarom de faculteit doet wat ze doet, en die informatie te delen met degenen die erdoor beïnvloed worden – vóórdat er besluiten worden genomen, en niet pas erna.

Traci White, redacteur internationaal

English

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in