Usva en Universiteitsmuseum snakken naar heropening: ‘Iedereen kijkt alleen nog Netflix’

Lege gangen, verlaten ruimtes, lichten uit. De culturele instellingen van de universiteit – Usva en het Universiteitsmuseum – zuchten onder de coronamaatregelen. ‘Maar het probleem ligt dieper.’

Normaal gesproken zouden de instellingen nu tentoonstellingen organiseren, evenementen plannen, cursussen opzetten en voorstellingen vertonen. Maar al bijna twee jaar gebeurt er vrij weinig. Net als in de hele Nederlandse cultuursector zijn ook die van de RUG grotendeels dicht geweest of waren er zware beperkingen.

Voor het UM zijn het zware tijden, vertelt directeur Arjen Dijkstra. ‘Het is verschrikkelijk. We bestaan om bezoek te ontvangen en te vertellen over de wetenschapsgeschiedenis. Dat kan nu niet. Een leeg museum is heel erg.’

Ook toen het museum wel open mocht, kwam er weinig bezoek, zegt Dijkstra. Hij rekende in 2020 nog op een bezoekersaantal van twintigduizend, het werden slechts achtduizend. In 2021 waren dat er nog minder: zesduizend. Vooral toeristen.

Rare sfeer

Ook bij Usva is alles nog zo goed als leeg. De coronapersconferentie van 14 januari was een lichtpuntje: sindsdien mag het centrum in elk geval weer cursussen organiseren. ‘Maar het is vaak nog helemaal leeg’, zegt voorzitter van het studentenbestuur Anne Schreiber (21). ‘Niemand naar kantoor, geen zaalverhuur. Dat geeft een rare sfeer.’

Ze had zich haar bestuursjaar dan ook anders voorgesteld. ‘Je gaat een studentenbestuur doen om van alles te leren en om het leuk te hebben met mensen die hetzelfde gevoel voor kunst en cultuur hebben. Dat valt wel weg als je in je eentje op je studentenkamer zit.’

Als het de instellingen meezit, luistert het kabinet naar het advies van het Outbreak Management Team (OMT) en kondigt het dinsdagavond aan dat ook de cultuursector weer open mag. Een hoopvol vooruitzicht, vindt Schreiber, maar tegelijkertijd frustrerend.

Tot ze officieel weer aan de slag mogen, kan ze niet veel meer dan contact onderhouden met docenten, cursisten en technici. ‘Op basis van een OMT-advies kun je niet zomaar een theaterprogrammering maken. Dat maakt het ingewikkeld en dat is ontzettend frustrerend’, zegt ze.

Dieper dan corona

Volgens Dijkstra ligt het probleem voor de culturele instellingen dieper dan corona. ‘We zetten gave tentoonstellingen neer, maar de mensen komen niet. Iedereen kijkt alleen nog Netflix. Ze klagen wel over hoe slecht het gaat, maar ze maken niet de keuze om ook daadwerkelijk naar een museum te gaan en de sector te steunen.

Zelfs studenten en docenten komen zelden tot nooit in het Universiteitsmuseum, constateert hij. ‘Dat zegt echt iets over hoe we met cultuur omgaan.’

Ondanks de tegenvallende bezoekcijfers en de maandenlange sluitingen, blijft de museumdirecteur positief over de mogelijkheid van een heropening. Tijdens de lockdown is het gebouw netjes aan kant gemaakt en er is aan nieuwe tentoonstellingen gewerkt.

‘Zodra we weer normaal kunnen leven, gaan we elkaar ook weer opzoeken’, hoopt hij. ‘Dan weet ik zeker dat we ook in Groningen weer van cultuur gaan genieten. Nu is het tijd voor wederopbouw. Geen Netflix, maar weer naar het museum.’

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here