Uni kan en moet meer doen om student een psychisch gezonde toekomst te geven

Veel studenten hebben psychische problemen. Maar er is weinig hulp voor deze groep jongeren en daar schiet de universiteit tekort, vindt therapeut i.o. Els Veltheer.

De kranten staan er bol van: ‘De psychische nood onder studenten is immens hoog.’ Als therapeut in opleiding heb ik dezelfde ervaring.

Studiedruk wordt veelal als oorzaak genoemd. Depressiviteit, neerslachtigheid, spanning, burn-out, eenzaamheid en gedachten over suïcide zijn de meest gehoorde klachten. De uitspraak: ‘Je studietijd is de leukste tijd van je leven’, is voor de huidige generatie studenten verworden tot ‘studeren is de zwaarste tijd van je leven’.

En dat is tragisch. Immers: studenten weken zich los van de ouders vanaf het moment dat zij de middelbare school verlaten. Juist dan wordt aansluiting bij een peergroup essentieel. Binnen deze groep kunnen zij zich verder ontwikkelen door zich te spiegelen aan de ander. Zo krijgen zij inzicht in de eigen identiteit.

Zij zoeken antwoord op vragen als: Wie ben ik? En: Wat wil ik? Daarmee wordt een stevig fundament gelegd waar zij de rest van hun leven op kunnen terugvallen.

Maar door alle maatregelen die de afgelopen twee jaar vanwege covid-19 zijn genomen, is hen dit ontzegd. We moeten dan ook niet verbaasd zijn dat juist in deze groep de psychische nood zo hoog is.

Het is niet verbazingwekkend dat studenten eerder grijpen naar pilletjes als Ritalin, of een joint

Ze zaten eenzaam opgesloten in hun studentenkamer. Docenten zagen geen leerachterstanden zoals in het basis- en voortgezet onderwijs, want daarin ligt de verantwoordelijkheid niet bij hen maar bij de student zelf. Studenten, aan zowel universiteiten als het hbo en mbo, zijn een aan hun lot overgelaten groep, wier belang bij het nemen van de diverse maatregelen steevast achteraan staat.

Tegelijk zie ik dat studenten de weg naar de hulpverlening niet makkelijk vinden. De drang naar zelfstandigheid staat haaks op het zoeken van hulp. Het getuigt mijns inziens van grote moed als een student wel aanklopt bij de studentpsycholoog en meestal is de nood dan inmiddels bijzonder hoog.

Maar wanneer de intake na ongeveer een maand wachttijd heeft kunnen plaatsvinden, volgt de domper. Of ze maar even vijf maanden in de wachtrij willen gaan staan en hun eventuele suïcidale gedachten willen parkeren tot ze aan de beurt zijn. Dat is onwenselijk en gevaarlijk.

En wat krijgen ze wanneer deze vijf maanden om zijn? Nog vier sessies, want er zijn er, naar ik heb begrepen, slechts vijf beschikbaar bij de studentenpsychologen. Niet verbazingwekkend dat ze eerder grijpen naar pilletjes als Ritalin, of een joint: makkelijker bereikbaar en zeker langer dan vijf keer te gebruiken.

De problemen worden er niet mee opgelost, enkel gemaskeerd. Bovendien zullen ze een steeds hogere dosis nodig hebben, omdat het effect afneemt. Verslaving ligt op de loer.

Daar ligt een taak voor de universiteit. Die doet naar mijn idee te veel aan navelstaren. De studentenpsycholoog lijkt de enige hulpverlener die binnen de universiteit studenten met psychische problematiek bijstaat.

De studentenpsycholoog lijkt de enige hulpverlener die studenten met psychische problematiek bijstaat

Maar nu de vraag toeneemt en wachtlijsten oplopen, lijkt het logisch om niet alleen meer studentenpsychologen aan te trekken. Er zijn andere oplossingen die vaak ook sneller in te zetten zijn.

Naast de reguliere hulpverlening heeft de complementaire hulpverlening allang zijn kwaliteit en bestaansrecht bewezen. Wordt het niet eens tijd daar gebruik van te maken? Het is in niemands belang dat studenten uitvallen. Coaches, counselors en therapeuten zijn allemaal in staat studenten te ondersteunen die vastlopen.

Ikzelf begeleid in de huidige fase van mijn opleiding counselbare cliënten. Dat betekent dat er geen andere DSM-diagnose (Diagnostic and Statistical Manual of Mental Disorders) is of is geweest.

Ik leer hoe studenten hun aanpassingsvermogen kunnen vergroten. Bij studenten die vastlopen gaat het vaak om een disbalans in hun draaglast en draagkracht; de eisen die aan hen gesteld worden door de omgeving en die ze aan zichzelf stellen staan tegenover de eigen aanwezige energie om aan die eisen te voldoen.

Door te leren de balans te herstellen, kan de student zichzelf corrigeren, ook wanneer het evenwicht op enig ander moment in het leven weer verstoord dreigt te raken. Een vaardigheid waar je je leven lang profijt van hebt. Ik vind dat wij allemaal een verantwoordelijkheid hebben voor deze generatie studenten om hen een psychisch gezonde toekomst te bezorgen.

Els Veltheer is integratief therapeut i.o.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in