Hey hey, ho ho, demonstreren mag dat zo?

Gaan de nieuwe huisregels van de RUG over demonstreren te ver, zoals critici zeggen? Masterstudent rechtswetenschappelijk onderzoek Daan Kingma laat zijn licht erover schijnen.

Naar aanleiding van de vele pro-Palestinademonstraties in het hoger onderwijs hebben de Universiteiten van Nederland een richtlijn opgesteld om demonstraties in goede banen te leiden. Ook stellen universiteiten zelf gedragsregels op.

Zulke richtlijnen en gedragsregels staan soms op gespannen voet met het recht op vrije meningsuiting en vergadering (artikel 10, 11 Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens; ook artikel 7, 8, 9 Grondwet).

De RUG zelf heeft het Bestuurlijk kader manifestaties opgesteld, met onder meer een verbod op demonstraties na zeven uur ‘s avonds, een verbod op anonieme uitingen en een verbod op het verstoren van lessen en ceremonies.

Inmiddels is de Groninger Studentenbond (GSb) een petitie gestart tegen het bestuurlijk kader, aangezien dit volgens de bond in strijd is met de vrijheid van meningsuiting.

Is dit ook zo? Hieronder bespreek ik enkele aspecten van demonstreren in, op en rond de universiteit.

1.       Demonstreren buiten universiteitsgebouwen

Vreedzaam demonstreren buiten universiteitsgebouwen mag. Dit valt onder het recht van vrijheid van meningsuiting, dat het Europees Hof ziet als een essentiële pijler van de democratie.

Ik plaats vraagtekens bij de vage bewoordingen over het ‘contacteren’ van de politie

Hoewel dit recht niet onbegrensd is, zijn restricties aan strenge voorwaarden onderworpen. Het EVRM staat beperkingen van het recht op vrijheid van meningsuiting en vergadering alleen toe als deze (1) bij wet geregeld zijn, (2) noodzakelijk zijn in een democratische samenleving en (3) een legitiem doel dienen.

Bij demonstraties buiten treedt het RUG-bestuur volgens het bestuurlijk kader in contact met de politie om ‘de situatie onder controle te krijgen’ als onderwijs en onderzoek ‘dusdanig wordt verstoord’.

Natuurlijk kan het college van bestuur (cvb) de politie altijd ‘contacteren’, maar ik plaats vraagtekens bij de vage, niet verder gedefinieerde bewoordingen hier. Zeker omdat demonstraties in principe binnen ‘sight and sound’ van het doel waar zij tegen zijn gericht, mogen plaatsvinden.

De verantwoordelijkheid ten aanzien van openbare demonstraties ligt bij de driehoek (burgemeester, politie en OM), die kan optreden op grond van de Wet openbare manifestaties. De burgemeester hanteert een juiste aanpak door vooralsnog niet in te grijpen bij het tentenkamp op het Harmonieplein.

2.       Demonstreren binnen universiteitsgebouwen

Het feit dat een demonstratie binnen een universiteitsgebouw is, betekent uitdrukkelijk niet dat hiermee de grondwettelijke en verdragsbescherming op het recht op vreedzame demonstratie zomaar vervalt.

Een proportionele beperking zal echter veel eerder aangenomen worden als sprake is van een demonstratie binnen een universiteitsgebouw, zoals een bezetting. Strafrechtelijke bepalingen inzake huis- en lokaalvredebreuk, alsmede het belang van het universiteitsbestuur om onderwijs, onderzoek en de veiligheid te waarborgen, bieden hiervoor over het algemeen voldoende grondslag.

De burgemeester hanteert een juiste aanpak door niet in te grijpen bij het tentenkamp

Zo nam het Gerechtshof Amsterdam bij een bezetting van het P. C. Hoofthuis aan dat weliswaar sprake was van een vreedzame demonstratie, maar dat de politie de demonstranten uit het gebouw mocht verwijderen. De UvA werd door de bezetting namelijk belemmerd in het geven van onderwijs.

Ook de Hoge Raad heeft geoordeeld dat de politie op grond van lokaalvredebreuk demonstranten uit een privaat gebouw mag verwijderen als hierbij de rechten van anderen in het geding komen.

Het bestuurlijk kader van de RUG staat demonstreren op de universiteit in beginsel toe. De RUG is bereid bezettingen te faciliteren en ‘accepteert daarmee hinder of overlast inherent aan een bezetting’. Daarbij dienen wel regels waartegen de GSb ageert gerespecteerd te worden.

Desalniettemin komt het onoprecht over om te zeggen dat bezettingen gefaciliteerd worden, terwijl demonstraties enkel tot zeven uur ‘s avonds mogen duren. Ook toonde het cvb zich hypocriet door aanvankelijk foto- en filmopnamen te willen verbieden, maar wel beveiligingscamera’s te plaatsen.

Wat mij betreft laat de ravage die op de UvA is aangericht zien dat het universiteitsbestuur een legitiem belang heeft om enige beperkingen te stellen aan wie zich wanneer op de universiteit mag bevinden. Dat de vernielingen juist door niet-studenten lijken te zijn veroorzaakt, benadrukt dit des te meer.

Hoe ver huis- en gedragsregels mogen gaan, is vaak meer een politieke dan een juridische vraag. In dit opzicht draagt het cvb alleen maar bij aan polarisatie over de nieuwe regels door negatieve adviezen van de u-raad in de wind te slaan. Aan de andere kant doet het te pas en te onpas inroepen van het demonstratierecht, ook in situaties waar dit de toegestane grenzen overschrijdt, de zaak van de mensenrechten meer kwaad dan goed.

Daan Kingma is masterstudent rechtswetenschappelijk onderzoek aan de RUG en Aziëstudies aan de Universiteit Leiden

4 REACTIES

Abonneer
Laat het weten als er

De spelregels voor reageren: blijf on topic, geen herhalingen, geen URLs, geen haatspraak en beledigingen. / The rules for commenting: stay on topic, don't repeat yourself, no URLs, no hate speech or insults.

guest

4 Reacties
Meest gestemd
Nieuwste Oudste
Inline feedbacks
Bekijk alle reacties