Advertentie

Minder dierproeven nodig door alternatieve test voor vaccin

LISA BIESOT

Aurora Signorazzi promoveerde op een manier om vaccins te testen met minder dierproeven. ‘Uiteindelijk is dat wat je zoekt in de wetenschap. Dat je iets vindt dat nog niet bekend is.’

Overall aan. Rits dicht. Mondkapje voor. Bril op. Handschoenen aan. Tweede paar handschoenen aan. Elke dag weer, elke keer dat je het lab ingaat. Want dat is de gebruikelijke routine als je met een gevaarlijk virus werkt.

Vier jaar lang was dat dagelijkse kost voor Aurora Signorazzi, vanwege haar werk in in het virologielab van het UMCG. Daar werkte ze aan een diervriendelijke manier om de kwaliteit van het TBE-vaccin te testen, waarop ze onlangs promoveerde.

Half miljoen dierproeven

Dierproeven zijn immers nog altijd onmisbaar in wetenschappelijk onderzoek en in de farmaceutische industrie. In Nederland werden in 2020 een kleine half miljoen dierproeven uitgevoerd. Deels zijn die voor fundamenteel onderzoek – de RUG deed er 17.000 – maar ook voor het ontwikkelen en testen van vaccins leunt de industrie op dierproeven. 

Iedere lading geproduceerde vaccins wordt vóór de toediening getest op veiligheid en effectiviteit. Vaak zijn het muizen of konijnen die daarvoor een prik krijgen. Dat is noodzakelijk, omdat een vaccin in een lichaam vaak heel anders reageert dan in een reageerbuisje.

Maar bij Signorazzi was het de bedoeling dat haar werk het aantal dierproeven juist terug zou brengen. ‘Je kijkt in dit soort gevallen namelijk naar een black box’, legt ze uit. ‘Je krijgt alleen een ‘ja’ of ‘nee’: het vaccin werkt, of het werkt niet.’ Wat er precies gebeurt in zo’n lichaam, blijft verborgen. En dan zijn dierproeven ook nog eens duur. 

Tekenvirus

Genoeg aanleiding dus om op zoek te gaan naar alternatieven. Daarvoor concentreerde Signorazzi zich op het vaccin tegen het TBE-virus dat soms in teken aanwezig is en bij mensen hersenvliesontsteking kan veroorzaken. ‘Ik wilde weten of je het vaccin daartegen diervriendelijk kunt testen in een petrischaaltje.’ 

Daarvoor moest ze wel eerst meer weten over het gebruikte vaccin. ‘Het tekenvirus en het vaccin daartegen waren nog niet goed onderzocht’, vertelt ze. Zo was bijvoorbeeld nog nooit aangetoond hoe de immuunreactie die het virus en het vaccin in je lichaam opwekken precies in gang worden gezet.

Maar aanwijzingen had ze wel: een eiwit met de naam RIG-I kan veel virussen herkennen. Wanneer het een virus detecteert in je lichaam, geeft het een seintje dat de immuunreactie kan beginnen. Dat zou het ook bij het tekenvirus kunnen doen, maar voor zover bekend deed het eiwit dat alleen bij virussen die zich vermenigvuldigen en TBE is een ‘dood’ virus dat niet repliceert. 

Signorazzi testte daarom met verschillende stofjes die de werking van RIG-I uitschakelden of hier toch iets bijzonders aan de hand was. En inderdaad: RIG-I bleek de sleutel.

Groot moment

‘Dat was een groot moment’, herinnert ze zich. ‘Het voelde alsof ik dat vraagstuk had opgelost. Uiteindelijk is dat wat je zoekt in de wetenschap. Dat je iets vindt dat nog niet bekend is, en dat hiaat kunt opvullen.’

Dat maakte de weg vrij voor de volgende stap. Ze haalde menselijke immuuncellen uit het bloed van bloeddonoren. Aan de immuuncellen voegde ze een beetje vaccin toe, om te kijken hoe de cellen erop reageerden. Ontstond er een immuunreactie, dan was het effectief. 

‘Ik mengde ook goede en slechte vaccins’, vertelt ze. ‘Bijvoorbeeld in de verhouding 50/50 of 20/80.’ Daaruit bleek dat dit precies correleerde met de activering van de immuunrespons. Veel preciezer dan ze ooit in dierlijke cellen had gezien. En dat betekent dat met haar methode niet-werkzame vaccins al uitgesloten worden voor de dierproeven beginnen en er veel minder proefdieren nodig zijn. 

Misschien komt er met dit soort tests een moment dat dierproeven helemaal overbodig worden. ‘Het idee is dan dat je zoveel verschillende methodes hebt om je beslissing te ondersteunen, dat je helemaal geen dieren meer nodig hebt.’  

Coronavaccin

Signorazzi’s vaccin-onderzoek bleek bovendien de perfecte opstap voor een verdere carrière. Ze kon vrijwel meteen aan de slag bij Janssen Vaccines, waar ze de veiligheid van vaccins controleert – inderdaad, vooral het coronavaccin. Het allerleukste: ook nu weer werkt ze aan het ontwikkelen van methoden om het gebruik van proefdieren terug te brengen. ‘Farmaceutische bedrijven zijn steeds weer op zoek naar nieuwe en betere oplossingen. Ze zijn echt bezig met zoeken hoe ze iets nog effectiever kunnen maken, of nog veiliger.’ 

Juist in deze tijd blijkt weer hoe belangrijk wetenschappelijk onderzoek is. ‘We hebben het coronavaccin in een jaar kunnen ontwikkelen omdat al het nodige onderzoek al eerder was gedaan’, zegt ze. ‘Daar moeten we mee doorgaan, we moeten ons blijven ontwikkelen. Want dit zal niet de laatste pandemie zijn.’

Negatieve reacties

Helaas ziet niet iedereen het zo. ‘Van sommige mensen krijg ik negatieve reacties. Zij vertrouwen het vaccin niet. Ze zeggen dan dat ik er niets vanaf weet, of dat ik betaald word om bepaalde dingen te zeggen. Dat soort momenten zijn niet leuk als je al jaren vaccins bestudeert.’

Onbegrijpelijk, vindt ze. ‘Vaccins zijn, na schoon drinkwater, de belangrijkste reden dat we tegenwoordig zo’n lange levensverwachting hebben.’ 

English

Geef een reactie

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

English