Goede voornemens heb ik niet… of toch wel?

Het is een publiek geheim: columnist Gerrit Breeuwsma heeft geen mobieltje. Maar ho! Dat gaat in 2022 veranderen. Nou ja, mogelijk of misschien.

Eigenlijk had ik me voorgenomen om het nieuwe jaar nu eens niet over goede voornemens te beginnen. Maar bij nader inzien lijkt dat verdacht veel op een goed voornemen, zodat ik er maar van afzie.

Het is ook een malle gewoonte: goede voornemens. Een vorm van zelfbedrog die je vanaf een bepaalde leeftijd toch zou moeten doorzien en beter kunt opgeven. Het is ook meer iets voor jonge mensen; bij hen heeft zelfverbetering tenminste nog zin.

Zo ging ik er in mijn jonge jaren – bij gebrek aan ervaring en kennis – vaak blind vanuit dat ik alles beter wist. Ik heb altijd gelijk van Willem Frederik Hermans was lange tijd mijn favoriete romantitel.

Mijn gelijk kon trouwens niet op tegen het omineuze gelijk van Hermans. Hij veegde in romans, essays en polemieken met iedereen de vloer aan en ik las dat, als scholier en student, met een mengeling van vrees en bewondering. Ik was het niet zelden oneens met Hermans, maar zoveel gelijk, dat wilde ik ook en als een soort voorschot op de toekomst probeerde ik daar alvast naar te leven.

Met de kennis van nu constateer ik dat ik destijds wel wat meer ruimte had mogen laten voor zelfkritiek en zelfrelativering. Maar goed, achteraf werken goede voornemens al helemaal niet. Ironisch genoeg is Hermans zelf eindeloos blijven sleutelen aan zijn roman. Er verschenen bij leven zestien herdrukken en in verschillende daarvan heeft hij flinke wijzigingen aangebracht. Kennelijk was zijn gelijk toch niet zo absoluut.

Op mijn leeftijd heb je – en nu word ik een beetje soft – meer aan zelfacceptatie dan aan zelfverbetering. Bij alle kritiek die je in de loop der jaren van anderen krijgt, kun je maar beter mild voor jezelf zijn. Goede voornemens staan vaak haaks op die mildheid.

Op mijn leeftijd heb je meer aan zelfacceptatie dan aan zelfverbetering

Helaas weerhoudt dat mijn omgeving er niet van om dan maar goede voornemens voor mij te bedenken. Zo zijn ze het thuis met elkaar eens dat 2022 het jaar wordt dat ik aan de mobiele telefoon ga.

Tot dusverre heb ik dat apparaat verre van mij weten te houden, met steekhoudende argumenten (vind ik zelf) aangaande mijn autonomie en onafhankelijkheid, maar door een klein accidentje heeft het tij zich tegen mij gekeerd.

Dat zit zo. Ik was – alleen – met de auto onderweg naar een kerstgebeuren en petite famille toen ik door een onhandige manoeuvre (over de kwaliteit van mijn rijgedrag misschien een andere keer) een klapband kreeg. Daar stond ik ineens langs de kant van de weg, zonder telefoon, bijna in the middle of nowhere.

Even voorzag ik een lange, donkere en koude nacht; en nergens was er plek in de herberg. Ik voelde mij ongeveer als Jozef en zijn gezelschap, met mijzelf in de rol van de ezel, vrees ik.

Gelukkig zag ik in de verte een licht branden en toen ik daar even later aanbelde, werd ik liefdevol opgevangen door wat ik normaal gesproken ‘een ouder echtpaar’ zou hebben genoemd. Maar de handigheid waarmee ze mij in contact brachten met vrouw en kinderen, maakte mij de oude, hulpbehoevende digibeet. Het was in een klap gedaan met mijn autonomie en onafhankelijkheid.

De ANWB werd ingeschakeld en hoewel het een eeuwigheid duurde voor alles in orde was, kon ik vier uur later verkleumd maar opgelucht weer in de schoot van het gezin worden opgenomen. Daarna worden mijn herinneringen vaag, maar volgens vrouw en kinderen moet ik er toen mee hebben ingestemd om een mobiele telefoon aan te schaffen.

Ik overweeg nu er zelf ook maar een goed voornemen van te maken. Dan is de kans groot dat het niets wordt.

GERRIT BREEUWSMA

1 REACTIE

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.