Onderzoek

Strengere regels in de labs

Met trillende handjes bij de zuurkast

Overvolle labs zorgden de laatste jaren voor een toename van ongelukjes in de practicumzalen op Zernike. En dus kwamen er betere veiligheidsmaatregelen. Geen enkelsokjes, stompe naalden aan de injectiespuiten. ‘Het zal je maar gebeuren dat er een golf zwavelzuur over je blote enkels komt.’
Door Freek Schueler / Foto’s Reyer Boxem

Ver weggestopt in de krochten van Nijenborgh 4 vind je studenten in labjas met bijpassende bril, ijverig in de weer met glas en chemicaliën. Veelal studenten scheikunde, maar ook farmacie en Life Science and Technology hebben hier practica. Aan de ‘Lab Rules’ (NO GLASSES, NO ACCESS!!) op iedere deur is te zien dat men de veiligheid hier serieus neemt. Maar hoe veilig is zo’n lab nou eigenlijk?

Een ongeluk zit in een klein hoekje. Je draait je net om op het moment dat een medestudent achter je langs loopt. Het glaswerk valt uit je handen en spat uiteen op de grond. Had er water in gezeten, dan was er weinig aan de hand geweest. Maar wat als de stof in het glas giftig is? Iedereen in een lab moet weten hoe te reageren op ongelukken. Van kapot glas tot prullenbakken die in de fik staan.

Overvol

Niek Eisink (28) is sinds vorig jaar practicumdocent scheikunde en scheikundige technologie. Hij is verantwoordelijk voor de veiligheid in twaalf laboratoria. De afgelopen jaren waren de labs overvol en daardoor nam het aantal ongelukjes toe. De regels zijn daarom aangescherpt.

Gescheurde broeken? Opgerolde broeken met enkelsokjes? Kan absoluut niet

‘In het begin van het jaar krijgen alle studenten (die te maken krijgen met laboratoriumwerk – red.) veiligheidstraining omtrent brandveiligheid en met stikstof werken’, vertelt Eisink. ‘Daarnaast is er voorafgaand aan elk practicum organische chemie een verplichte introductieles waarin iedere keer de veiligheid wordt herhaald.’

Zo moeten de studenten weten met welke chemicaliën ze gaan werken, wat voor kleren ze moeten dragen en vooral ook hoe ze zich moeten gedragen. Eisink: ‘Die nieuwe modetrend, met die gescheurde broeken? Uit den boze. Opgerolde broeken met enkelsokjes? Kan absoluut niet.’

Voldoe je niet aan de kledingvoorschriften, dan word je bij een practicum gelijk naar huis gestuurd. ‘Het zijn maatregelen voor ongelukken die niet op dagelijkse basis voorkomen, maar het zal je maar gebeuren dat je een pot zwavelzuur laat vallen en er een golf over je blote enkels komt.’

Blauwzuurgas

De reden dat Eisink zo hamert op de veiligheidsregels is dat ze routine moeten worden. ‘Ik kom nog regelmatig open potten chemicaliën tegen, omdat studenten te druk zijn om de deksel er weer op te doen.’ Ze doen het niet expres, maar ze moeten snappen dat er potentieel gevaar in schuilt.

Is het dan echt nodig om met gevaarlijke stoffen te werken? Een van de gevaarlijkste stoffen waarmee studenten in het tweede jaar werken is natriumcyanide. Als dat met zuur reageert kan het blauwzuurgas vormen, wat in hoge concentraties dodelijk is. Eisink: ‘Natriumcyanide is een heel standaard chemicalie op een organisch laboratium, dus je wilt wel dat ze ermee leren werken. De eerste keer dat ik dat deed, had ik ook trillende handen. Je moet er vertrouwd mee raken.’

Scherpe naalden

Misschien wel het treffendste voorbeeld van wat er in het afgelopen jaar veranderde, is het gebruik van naalden. ‘Sommige chemicaliën zijn gevoelig voor lucht, dus zitten ze in een pot met stikstof met een rubberen stop erop. Met de naald prik je door de stop, je haalt eruit wat je nodig hebt en je stopt het bij je reactie.’ Het probleem: de naalden zijn lang en scherp, waardoor je jezelf makkelijk prikt. ‘Studenten proberen bijvoorbeeld het beschermhoesje er weer op te doen, maar prikken dan mis.’ Wekelijks kwam het voor dat een student in zijn eigen vingers prikte.

Eisink drukt zijn wijsvinger op zijn duim. ‘Ik heb een keer een student gezien die haar duim en wijsvinger aan elkaar had gespietst. Ik weet niet hoe ze het voor elkaar kreeg.’

De oplossing was even simpel als doeltreffend: tegenwoordig zijn er alleen nog maar botte naalden te vinden op het lab, waarmee je net zo goed chemicaliën kan verplaatsen. Mocht er toch een scherpe naald nodig zijn, dan moeten ze dat bij de practicumassistent regelen.

Taboe

Van die practicumassistenten zijn er tegenwoordig altijd twee per lab, waar er voorheen drie per twee zalen waren. Ook is er altijd een bedrijfshulpverlener in de buurt. Mocht die niet meteen beschikbaar zijn, dan wordt meteen het alarmnummer, 8050, gebeld. Eisink: ‘Ik vind het heel belangrijk dat het geen taboe is om het alarmnummer te bellen. Liever één keer te veel dan te weinig.’

Een regel die studenten erg vervelend vinden: van kwart voor negen tot vijf moeten ze aanwezig zijn. ‘Je mag aan je verslag gaan werken als je klaar bent, maar je moet je altijd weer melden. We kunnen niet hebben dat we niet weten waar Jan ook alweer is, áls we een keer moeten evacueren.’

Ervaren studenten voeren experimenten opnieuw uit om de handleidingen aan te passen

Practicumassistent Marieke Veenstra (23) is afgestudeerd scheikundestudent en heeft de afgelopen jaren de veiligheid zien verbeteren. ‘Vroeger stond er nog weleens een prullenbak in de fik. De vlammen sloegen er dan uit.’ Dankzij een ander systeem voor het weggooien van afval – zodat er geen verkeerde stoffen bij elkaar kunnen komen – gebeurt dat tegenwoordig niet meer.

Alarmnummer

Zo gek heeft Jelmer Coenrady (22) het nog niet gezien. Hij zit nog in de bachelorfase van zijn studie biologie en staat dus vaker op een ander type lab. Belangrijkste verschil: in een biologielaboratorium vind je doorgaans geen zuurkasten. ‘In het begin was dat wel spannend, maar als je netjes werkt is er niks aan de hand. Het ergste wat gebeurt is glas dat kapot valt, maar dan weten we wat we moeten doen. Zo niet, dan vragen we meteen de practicumassistent of bellen we het alarmnummer.’

Er is nog een aantal zaken dat beter kan en moet volgens Eisink. Zo zijn er practicumhandleidingen die verouderd zijn. ‘Daar staat dan in dat je een stof door de gootsteen moet spoelen. Als er íets uit den boze is op een scheikundelaboratorium…’ Daarom laat Eisink ervaren studenten de experimenten opnieuw uitvoeren en de handleidingen aanpassen. Ook wil hij voor studentassistenten een intensievere trainingen organiseren, waarbij ze een dag extra geschoold worden omtrent alle veiligheidsregels en mogelijke gevaarlijke situaties.

Een student met begeleider bezig met proeven in en rond een zuurkast

English

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Reacties met een link worden beoordeeld en kunnen worden geweigerd. / Comments containing a link will be reviewed and may not be published.

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in