Wetenschap

Vergeten zeeheld

Berend Botje in Rusland

Zou Berend Botje echt hebben bestaan? En zou hij de vergeten zeeheld Louis van Heiden kunnen zijn die Drenthe verwisselde voor Sint Petersburg? Hans van Koningsbrugge denkt van wel. Hij schreef een boek en maakte een tentoonstelling over ‘Berend Botje’.
Door Puck Swarte

In het Noordelijk Scheepvaartmuseum, op een verdieping die door al het hout bijna lijkt op een echt schip, komt Louis van Heiden een beetje tot leven. Er zijn brieven die hij zelf schreef, met een pen die hij zelf vasthield. Er zijn tekeningen van de zeeslagen die hem beroemd maakten en een statig portret. Stuk voor stuk verzameld door Ruslandkenner en historicus Hans van Koningsbrugge, die niet alleen de tentoonstelling samenstelde, maar ook een boek schreef over de vergeten zeeheld.

En dat mag ook wel, want Louis was een heel interessante figuur. Bovendien zijn er mensen die zeggen dat hij de beroemde Berend Botje was die ‘nooit weerom’ kwam.

Zijn vader was landdrost van Drenthe en het gezin woonde daarom in Zuidlaren. Maar Louis bleef daar niet lang. Hij was pas negen jaar toen hij Zuidlaren verliet en zijn carrière begon bij de marine. In 1789 – hij was toen 23 – ging hij al op een geheime missie naar Nederlands-Indië om de militaire zwakte van de VOC-leiding daar in kaart te brengen. Toen de Fransen kwamen in 1795 vluchtte hij met de Oranjes naar Engeland – al keerde hij snel weer terug. Maar meteen daarna vertrok hij naar Sint Petersburg in de hoop Catharina de Grote te kunnen ontmoeten.

Fortuin maken

Ook al geen gemakkelijk avontuur. ‘Hij ging naar Rusland om fortuin te maken. En hoe maak je fortuin? Door te vechten. Alleen werd er de eerste jaren niet gevochten, dus Louis werd ook niet betaald.’

Van Heiden leefde dus jarenlang in grote armoede en werd zelfs beschuldigd van smokkelpraktijken. ‘Maar langzaamaan klom hij op. En toen kwam ineens de glorietijd in Navarino, die hem een wereldberoemde status gaf’, vertelt Van Koningsbrugge.

Die slag bij Navarino vond plaats in 1827 voor de Griekse kust. Onder leiding van Louis versloeg een vloot van Russische, Franse en Engelse schepen de Turken en bevrijdde hiermee Griekenland van de Turkse overheersing. De Grieken noemden hem daarna liefkozend Bébé. En dát zou maar zomaar verbasterd kunnen zijn tot ‘Berend Botje’, denken sommigen.

Toch had Van Koningsbrugge nog nooit van hem gehoord, toen het Drents archief hem enkele jaren geleden benaderde voor een onderzoek naar Van Heiden. ‘Maar toen ik me wat meer in hem had verdiept dacht ik direct: hoe is het in hemelsnaam mogelijk dat er zo weinig over hem bekend is?’ vertelt Van Koningsbrugge. ‘Er zaten grote gaten in zijn levensverhaal, wat voor een biograaf natuurlijk fantastisch is. Ik mocht al deze grote gaten boven water halen, en dan ook nog eens in de diplomatiek-militaire setting van de negentiende eeuw. Beter kan het voor een historicus eigenlijk niet.’

Chagrijnig

Van Koningsbrugge dook de archieven in. Vooral ook de Russische, waarin hij als Ruslandkenner goed thuis is. Zo ontdekte hij onder andere dat Louis ook gouverneur van Estland is geweest, wat voorheen nog onbekend was. Maar ook vond hij brieven van Louis terug in het Koninklijk Huisarchief. ‘De brieven van Louis waren een groot vermaak om te lezen. Hij was erg vaak chagrijnig, heerlijk! En hij schrijft heel veel over geld, dat was ontzettend belangrijk voor hem’.

Om te zeggen dat hij in z’n brieven ongezouten was, is volgens Van Koningsbrugge nog een eufemisme. Zo noemt hij in een van zijn brieven dat hij Drenthe maar vlak vindt, en moppert dat het hem doet denken aan Estland. Alleen vond hij Drenthe nóg ‘luguberder’. Maar ook zijn familie wordt niet gespaard. ‘Hij veegt ze allemaal de mantel uit. In een brief aan het thuisfront schrijft hij over zijn schoonzoon: “Het is een aardige jongen, kan goed zingen, maar is zo arm als een kerkrat.” Kostelijk!’

Misschien vormden die twijfelachtige herinneringen aan Drenthe wel de reden dat hij slechts één keer terugkeerde naar zijn oude dorp, in 1832. Een gelegenheid waarbij ‘ het kennelijk opviel dat Lodewijk zo gewoon gebleven was’, aldus Van Koningsbrugge.

Vergetelheid

Het was echter ook de oorzaak dat Van Heiden vervolgens werd vergeten, denkt Van Koningsbrugge. Als je 55 jaar van Nederlandse bodem weg bent, ‘dan raak je gewoon in de vergetelheid’.

Van Koningsbrugge hoopt met zijn biografie en de tentoonstelling mensen te enthousiasmeren voor het levensverhaal van Louis: ‘Zijn verhaal is erg inspirerend. Hij koos voor zijn eigen geluk, zette al zijn rijkdom opzij en ging het avontuur in het buitenland aan. Hartstikke dapper. En daarnaast is het natuurlijk ook gewoon Hollandse glorie.’

En is Van der Heiden nu écht Berend Botje, volgens Van Koningsbrugge? Dat blijft een mysterie, zegt de historicus cryptisch. Er zijn immers wel duizend verklaringen voor het liedje, al is Louis wel degelijk een goede kandidaat.  Zo klopt de eerste zin in ieder geval: ‘Berend Botje ging uit varen’. Maar ook kwam Louis uit Zuidlaren, en is slechts één keer teruggekeerd.

‘Dan is er natuurlijk nog de quote “Hij is naar Amerika”. Die is ingewikkeld, want dat klopt niet. Alleen zijn zoon is wel in Amerika geweest, dus het kan zijn dat die twee door elkaar zijn gehaald. Maar we kunnen het nooit met zekerheid zeggen.’

Alternatieve Berend Botjes

Er bestaan vele theorieën over de achtergrond van Berend Botje. Zo is er de verklaring dat het liedje oorspronkelijk een opvoedkundig gedicht was. Botje zou zijn afgeleid van het Friese woord Butjer, of in het Gronings Butje, wat zoiets als halve gare betekent. Het zou worden gebruikt om onzekere jongemannen zonder doorzettingsvermogen aan te duiden.

Het tweede couplet zou dan afkomstig zijn van het aftelversje Jan met de meid: ‘’Een twee drie vier vijf zes zeven, waar is Jan met de meid gebleven?’’ Pas later zijn deze twee coupletten samengevoegd.

Het slotrefrein – dat ook een andere melodie heeft – moet een recente toevoeging zijn geweest en afkomstig zijn uit een negentiende-eeuws dansliedje.

Andere verklaringen zijn dat Berend Botje een schipper uit Gasselternijveen was, die een buitenechtelijke relatie in Zuidlaren onderhield. Om bij zijn liefje te komen, moest hij eerst via een kanaal (‘De weg was recht’) en dan via de  rivier de Hunze (‘De weg was krom.’) Of dat het gaat om de rijke reder Berend Drenth. Hij stuurde wrakke schepen de Oostzee op om de verzekeringspremie op te strijken als ze vergingen. In dat geval was het de bemanning die ‘nooit weerom’ kwam.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Reacties met een link worden beoordeeld en kunnen worden geweigerd. / Comments containing a link will be reviewed and may not be published.

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in