Opinie: ‘UKrant heeft Lenz “ontplatformd”‘

Zonder goede weergave van de discussie rond Martin Lenz en Paul Cliteur is het makkelijk om te concluderen dat alle stemmen gehoord moeten worden, vindt student filosofie Thomas Krabbenbos. Hij keert terug naar de inhoud.
Door Thomas Krabbenbos

UKrant heeft Martin Lenz ontplatformd. Tenminste, heeft gedaan waar het ontzeggen van Cliteurs uitnodiging op neer was gekomen. Lenz’s argumenten zijn niet extra publiek gegeven, omdat ze niet herhaald zijn. Dat staat Ukrant vrij, en het staat het Groninger Forum vrij om alleen sprekers met bepaalde kwalificaties uit te nodigen. Het staat vervolgens iedereen vrij te twijfelen aan die kwalicifaties.

Maar zonder een weergave van wat er tussen Lenz en Cliteur op het spel staat, als je de stem negeert van wie bezwaar maakt, is makkelijk om te concluderen dat uiteindelijk alle stemmen gehoord moeten worden in naam van de vrijheid van meningsuiting. Dat is bijvoorbeeld wat Elma Drayer doet in haar column in de Volkskrant. Dat komt door wat UKrant doet, door een paar van Lenz karakterisaties op te blazen.

Ontplatforming

We gaan er al gauw vanuit dat iedereen voor het vormen van de mening Lenz’ en Cliteurs blogs leest wanneer die gelinkt zijn. Dat het niet gebeurt, blijkt al uit het feit dat er in Lenz’ stuk helemaal geen sprake is van een oproep tot ontplatforming. Hij betreurt de uitnodiging slechts en geeft er redenen voor. Martin Lenz heeft zelf onderhand geblogd over hoe hij neergezet is. Het zou iedereen moeten verontrusten hoe snel de inhoud verdwijnt uit de discussies. Laat ik dus voorbeeld stellen en de inhoud samenvatten.

Wat Cliteur zou kunnen bedoelen met ’theoterrorisme’ is dat geloof in God de oorzaak is van terrorisme. Religie is dan voldoende reden voor geweld. Dat is een overbekend verhaal. Het is wat de terroristen beweren, want het impliceert dat elke moslim zou hen moeten volgen. Moeten we hen op hun woord geloven, en hun argumenten herhalen? Niet iedereen die dat doet verdient een platform. Daar zijn meerdere redenen voor.

Legitimeren

Ten eerste is wat je doet soms belangrijker dan wat je precies zegt. Je moet oppassen dat je niet impliciet een oproep tot geweld legitimeert. Hoe kritisch je ook bent op terroristen, wanneer je mensen vertelt dat ze moeten kiezen tussen geweld of het verlaten van hun geloof, zullen terroristen daar blij mee zijn.

Ten tweede ontken je feitelijk de geleefde ervaring van miljoenen moslims die hun geloof als vreedzaam interpreteren en de academische consensus wat betreft terrorisme. Om dit te bereiken vergiftigen zowel terroristen als islamofoben op dit punt vaak de bron van kritiek. Moslims zijn misleide zielen en academici vormen een linkse samenzwering.

Ten derde, wat als het wel klopt? Dan zouden onze pogingen terrorisme te voorkomen niet werken. Nog los van het feit dat het lijkt alsof ze wel werken, onze alternatieven zouden geloof in een bepaalde god moeten bestrijden. Vreedzame opties zijn hiervoor niet. Op z’n best tasten we godsdienstvrijheid aan, op z’n slechtst moeten mensen gewelddadig verwijderd worden.

Een laatste vraag is of dit frame consequent kan zijn op het vlak van extreemrechts terrorisme. Lees hierover meer in dequalia.nl/open-brief-aan-paul-cliteur/

Welwillend

Maar laten we welwillend zijn en aannemen dat Cliteur geen islamofoob of complotdenker is, bovenstaande niet bedoelt of zegt, en interessante dingen te vertellen heeft over islamisme. Cliteur maakt namelijk wel een onderscheid tussen de islam in het algemeen en islamisme, de politieke beweging die strategisch gebruik maakt van terrorisme en die legitimeert. Zo voorkom je bovenstaande bezwaren.

Maar dan moet er inhoudelijk of causaal onderscheid zijn. Er moet, in Martin Lenz’ woorden, een meer specifieke ‘factor X’ zijn die het geloof in geweldadige interpretaties verklaart. Dit is legitiem onderderzoeksgebied voor sociale wetenschappers, die alle platforms op moeten. Deze factoren kunnen we namelijk constructief beïnvloeden.

Pareren

Paul Cliteur had met gemak Lenz’ kritiek kunnen pareren, hoewel dat makkelijker was geweest als die kritiek op UKrant had gestaan. Deze hele platformdiscussie was overbodig gemaakt zodra Cliteur kan aantonen dat hij bij een gevestigd onderzoeksproject hoort die een verklarende factor met bijbehorende bewijslast kan leveren. Ergens in zijn boeken moet deze toch te vinden zijn!

Juist de schrijver zou dit zo terugvinden, dan hoeven er geen boeken doorgespit of cultuuroorlogen uitgevochten voordat we kritische vragen kunnen stellen. Als hij dat zelf doet, op een online of offline platform, hoeft er niet omslachtig geïnterprenteerd of gedebatterd te worden om erachter te komen wat hij nou echt denkt. Hij kan gewoon zeggen wat de X-factor is.

Maar dat heeft hij niet gedaan. In Cliteurs open brief gaat hij niet op Lenz’s kritiek in, noch in zijn interview op UKrant. In plaats daarvan vergiftigt hij de bron van academische kritiek nog maar eens en schiet in slachtofferschap. Dan kan je inderdaad, net als Lenz, betreuren dat niet een interessanter spreker uitgenodigd is.

Thomas Krabbenbos is student filosofie aan de RUG.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Reacties met een link worden beoordeeld en kunnen worden geweigerd. / Comments containing a link will be reviewed and may not be published.

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in