‘Ook de RUG heeft schuld’

Vorige week mocht het Openbaar Ministerie zeggen waar het de betrokkenen van de fraudezaak aan de RUG allemaal van verdenkt. Deze week waren de advocaten aan de beurt. ‘Ze wisten niks van de fraude.’
Door Peter Keizer

Ze zijn zich allemaal rot geschrokken toen de officier van justitie vorige week donderdag haar eisen voorlas. Met zulke forse straffen hadden de acht verdachten in de grootschalige fraudezaak aan de RUG geen rekening gehouden.

Vier jaar voor hoofdverdachte Hans G., drie jaar (waarvan één voorwaardelijk) voor zijn zoon, drie en een half (waarvan één voorwaardelijk) voor de bevriende installatiebedrijven, twee en een half jaar (waarvan één voorwaardelijk) voor de voormalige schoondochter, anderhalf jaar voor de klusjesman (waarvan een halfjaar voorwaardelijk), achttien maanden voor zijn collega (waarvan zes voorwaardelijk), en een werkstraf van 150 uur voor zijn vrouw.

‘Het is buitensporig hoog’, meent Arco de Kruijff, de advocaat van Hans G. ‘Ook als de rechtbank wel alle feiten bewezen verklaart.’ Tot een aantal jaren geleden was het immers heel gewoon in de bouwwereld dat je elkaar wat gunde. ‘In die wereld is hij groot geworden. Hij is alleen te laat met pensioen gegaan. Anders was ook hij een van die mensen geweest waarover (RUG-baas, red.) Poppema zei: “Maar moet je achter mensen uit het verleden aan gaan? Verdronken koeien gaan we niet allemaal meer uit de sloot halen.”’

Genoeg gestraft

Marjet Heeg, de advocaat van Hans’ voormalig collega Margreet B., is het met De Kruijff eens. Ook zij vindt de eis veel te hoog. ‘De hoofdverdachte kon jarenlang zijn gang gaan en hij zou er met vier jaar vanaf komen. Terwijl mevrouw, die niet op de hoogte was van de fraude, achttien maanden zou krijgen.’

Zijn ze inmiddels niet genoeg gestraft, vragen de advocaten zich allemaal af. Bijna alle verdachten hebben gedurende het vooronderzoek een tijdje in de cel moeten doorbrengen. En de verhoren door de Fiscale Inlichtingen- en Opsporingsdienst (FIOD) waren ook niet mals. Dat gaat je niet in de koude kleren zitten, zeggen de raadsmannen en -vrouwen.

‘Michiel (de zoon van Hans G., red.) heeft harde levenslessen geleerd door deze zaak’, aldus zijn advocaat, Lisa van der Wal. ‘En de strafeis is relatief hoog in vergelijking met diegene die de frauduleuze constructie hebben bedacht en uitgevoerd. In een andere zaak werd ook vier jaar geëist, maar daar ging het om een bedrag van 24 miljoen. Dan is dit wel even wat anders.’

‘Ze wisten niks’

Daarnaast: ze wisten ook nergens van af. Hans zorgde ervoor dat zijn zoon en voormalig schoondochter op de loonlijst kwamen te staan van twee bevriende installatiebedrijven. Maar Michiel en Kasia hebben nooit geweten dat dat niet zuiver was, zeggen ze. Ze hebben gewoon voor die bedrijven gewerkt. Weliswaar weinig, maar dat is niet strafbaar. En nota’s waaruit blijkt dat de RUG uiteindelijk opdraaide voor de kosten zijn er ook niet, menen de advocaten. ‘Het is ook niet vreemd dat een kind af en toe een contant bedrag krijgt toegestopt’, aldus Van der Wal.

‘Margreet (de voormalig collega van Hans G., red.) wist niet van de fraude’, vertelt Heeg. ‘Hij heeft haar er niet bij betrokken. Hij heeft haar geen inzicht gegeven in de achterliggende regelingen.’

En die 7500 euro die ze op haar rekening gestort kreeg van een van de installatiebedrijven onder de noemer ‘boot’? ‘Die heeft ze altijd als legaal beschouwd.’ Want net als alle andere verdachten, had Margreet een ‘blind vertrouwen’ in Hans G. ‘Ze kon daardoor niet aanvoelen dat het niet pluis was’, zegt haar advocaat.

‘Geen papierspoor’

De claim dat de RUG gedupeerd zou zijn, wordt enkel gestaafd door getuigenverklaringen, benadrukken de ondernemers. ‘De FIOD, bedrijfsrecherche Hoffmann, de accountants, niemand is in staat geweest een flintertje papier boven water te krijgen dat het onderbouwt’, zegt Michel Ossentjuk, de raadsman van klusjesman Theun B. en ondernemer Jan J. ‘Er is geen enkele factuur die rechtstreeks te koppelen is aan de RUG. Dat is merkwaardig. Ik zie er niets van.’

En die getuigenverklaringen moeten ook met een korreltje zout genomen worden, zegt hij. ‘Een deel van die verklaringen is van rancuneuze personeelsleden die de boel wat opkloppen’, aldus Ossentjuk.

Dat ze niet aan de bel trokken bij de universiteit, geen vragen stelden over waar het geld vandaan kwam, of meewerkten aan de ‘valse’ dienstverbanden en de materiaalhandel waarvoor de RUG opdraaide, is ook niet vreemd, vinden de medeverdachten.

De ondernemers waren volstrekt afhankelijk van Hans G., zeggen ze. Zouden ze hem tegenspreken, dan zouden ze hun werk bij de universiteit verliezen. ‘Hij zat in een afhankelijke positie, hij was met handen en voeten gebonden om mee te doen aan de constructies van de heer G.’, zegt Ossentjuk.

Knuffels

Hans G. duldde geen nee, zegt oud-collega Margreet B. Hij vertoonde alle kenmerken van een dictator, vindt ze. ‘Aan het begin en het eind van de dag moest je een knuffel geven aan Hans. Als ik geen knuffel gaf, dan negeerde hij mij. Als ik wel een knuffel gaf, dan begon de dag goed. Het weigeren van een kus ’s ochtends was al fataal. Een medewerker die tot twee keer toe weigerde om G. een zoen te geven, kon haar spullen pakken.’

Ze waren allemaal bang dat ze zouden eindigen zoals die ondernemer die in 2011 de collega’s en leidinggevende van Hans G. al waarschuwde voor het ‘geritsel met bonnen’. ‘De maatschappij biedt klokkenluiders geen bescherming. Ze worden vaak met de nek aangekeken, raken hun baan kwijt’, meent Heeg. ‘De RUG had geen bescherming geboden als Margreet als klokkenluider had gefungeerd.’

Universiteit

En als we het toch over die klokkenluider van 2011 hebben, daar is door de RUG niet adequaat op gereageerd, menen de ondernemers. ‘Had ze dat wel gedaan, dan was mijn cliënt nooit betrokken geweest bij de fraude’, zegt Mathieu van Linde, de advocaat van Marinus P.

En dat maakt dat de universiteit zelf ook verantwoordelijk is voor de fraude, vinden zij. ‘Het universiteitsbestuur heeft ook zelf schuld. Die hadden het niet mogelijk moeten maken voor Hans G. om in een positie te komen, waarin hij bedrijven onder druk kan zetten’, vindt Ossentjuk.

Over klusjesman Theun B. zegt hij: ‘Hoewel hij fouten heeft gemaakt, is hij het slachtoffer geworden van een grote maatschappelijke organisatie die niet heeft kunnen voorkomen dat dit heeft kunnen gebeuren.’

Ook Hans G. wijst naar zijn afdeling. Hij heeft zelf de mogelijkheden voor fraude niet gecreëerd, aldus zijn advocaat. ‘Dat koninkrijk bestond al. Er was een systeem van weinig controle. Hij heeft noch het koninkrijk gecreëerd, noch de geldende regels. Hij is in een rijdende trein gestapt, waarin hij als de machinist werd beschouwd met de juiste papieren.’

Donderdag mag de officier van justitie op de verweren reageren. Daarna krijgen de advocaten nog een keer de kans. Aan het eind van de dag krijgen de verdachten het laatste woord.

Op 17 mei doet de rechtbank uitspraak in de zaak.

English

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Reacties met een link worden beoordeeld en kunnen worden geweigerd. / Comments containing a link will be reviewed and may not be published.

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in