Universiteit
Kleinschalig onderwijs bij het University College. Foto Egbert de Boer, © UG

Interview met rector Cisca Wijmenga

Wat staat ons te wachten in het nieuwe jaar?

Kleinschalig onderwijs bij het University College. Foto Egbert de Boer, © UG
De RUG zet na de zomer in op blended learning: fysiek onderwijs op anderhalve meter en hoorcolleges achter de laptop, zegt rector magnificus Cisca Wijmenga. En verder? Héél veel extra handen in het onderwijs.
31 maart om 9:56 uur.
Laatst gewijzigd op 31 maart 2021
om 12:03 uur.
maart 31 at 9:56 AM.
Last modified on maart 31, 2021
at 12:03 PM.

Door Christien Boomsma

31 maart om 9:56 uur.
Laatst gewijzigd op 31 maart 2021
om 12:03 uur.

By Christien Boomsma

maart 31 at 9:56 AM.
Last modified on maart 31, 2021
at 12:03 PM.

Christien Boomsma

Achtergrondcoördinator en wetenschapsredacteur
Volledig bio

Achtergrondcoördinator en wetenschapsredacteur
Full bio

Nee, makkelijk is het niet om een onderwijsplan te maken voor het nieuwe academisch jaar. Rector magnificus Cisca Wijmenga geeft dat onmiddellijk toe. Samen met de andere leden van het college van bestuur moet ze een pad zoeken waarin ze rekening houdt met talloze onzekerheden. Over de aantallen studenten die naar Groningen komen bijvoorbeeld, maar ook over corona. 

Het lijkt er immers op dat er een forse groei in studentenaantallen aan zit te komen. Aanmeldingen zijn op dit moment fors hoger dan normaal. ‘Er is een Brexit-effect’, zegt ze. ‘Studenten die eerder voor Engeland gekozen zouden hebben, kiezen nu voor een universiteit die goed aangeschreven staat én internationaal is.’ 

Groningen dus. Maar, benadrukt Wijmenga: ook alle andere Nederlandse universiteiten behoren tot die groep. ‘En deze studenten melden zich vaak op meer plaatsen aan. We weten niet of ze echt komen.’

Ook Nederlandse eerstejaars zorgen voor onzekerheid. Nemen ze een tussenjaar? Dat deden studenten vorig jaar niet, omdat corona reizen onmogelijk maakte. Het lijkt er nu op van niet, maar als corona na de zomer onder controle blijft, kan dat zomaar veranderen.

Vier scenario’s

En dan is er nog de vraag: kan het onderwijs weer helemaal open straks en gaan we terug naar business as usual? Of komt er een nieuw lockdown door nieuwe varianten van het virus? 

Terug naar de oude situatie lijkt me onwaarschijnlijk op zo’n korte termijn

Wat Wijmenga betreft is dat eerste scenario zeer onwaarschijnlijk. Maar ook gelooft ze niet dat het onderwijs nog net zo gesloten zal zijn als nu. ‘We hebben vier scenario’s verkend’, vertelt ze. ‘En het scenario waar we nu mee werken zit tussen die uitersten in. Pre-corona lijkt me onwaarschijnlijk op zo’n korte termijn. Het lockdown-scenario wordt hopelijk geen waarheid.’

En dus zet de universiteit in op onderwijs op anderhalve meter. Het voordeel is, zegt Wijmenga, dat je snel een eenvoudig kunt opschalen als dat losgelaten kan worden. ‘Daarnaast maken we een onderscheid tussen hoorcolleges, kleinschalig fysiek onderwijs en natuurlijk tentamens.’

Ontmoetingen

Het belangrijkst, weet ze na een jaar corona, zijn immers de ontmoetingen tussen docent en student én die van studenten met elkaar. En dat betekent studieplekken creëren en kleinere werkcolleges organiseren. ‘Hoorcolleges zijn een vrij passieve manier van onderwijs. Dat kan goed online, maar het kan beter dan we het afgelopen jaar ad hoc moesten doen. We kijken dus naar een combinatie van die werelden, waar beide aan kwaliteit winnen.’ 

Als studenten naar de universiteit komen, dan moet dat een meerwaarde hebben, benadrukt Wijmenga. Docenten moeten de diepte in en actief discussiëren met hun studenten. Hoorcolleges kunnen worden verbeterd met kennisclips, of gebruik van virtual reality. Die beweging naar activerend onderwijs – flip the classroom – was voor corona al ingezet, zegt ze. ‘Maar de crisis is een soort versneller.’ 

Klein probleempje: activerende en nieuwe vormen van digitaal onderwijs zijn arbeidsintensief. En de docenten zíjn al massaal overbelast. ‘We kunnen niet eisen dat de docenten de toestroom van nieuwe studenten accommoderen en ook nog vernieuwing in het onderwijs aanbrengen.’

Ondersteuning

Het afgelopen jaar probeerde de universiteit daarom te helpen via student-assistenten en veel hands-on ondersteuning. ‘En voor de toekomst hebben we het plan Ruggesteun’, zegt ze. ‘Dat moet zorgen voor meer handen in het onderwijs en daarnaast transitieteams creëren die gaan helpen met het omzetten van het onderwijs naar meer activerende vormen.’

We willen geen online uni zijn, je moet op de campus kunnen verschijnen

Wijmenga denkt aan ook een pool van mensen die docenten ondersteunen in het onderwijs en werkcolleges of learning communities kunnen begeleiden.  En die mensen komen dan niet uit de huidige groep van docenten, want die zijn immers al druk. 

‘We denken aan docenten die misschien hun aanstelling willen uitbreiden, mensen die met pensioen gaan, maar nog wel langer door willen. Maar ook aan masterstudenten die gaan afstuderen en wel een paar jaar iets anders willen doen, of PhD-studenten die gaan promoveren en zich oriënteren  op hun volgende stap. ‘Misschien zeggen ze wel, ik ben heel handig met computers, of ik kan animeren. We zoeken breed.’

Dat moet ook, want alle universiteiten in Nederland worstelen hiermee en vissen in dezelfde vijver. ‘We willen scouten in ons eigen netwerk en in onze eigen pool van afgestudeerden en gepromoveerden. Die mensen kunnen zich ook nu al aanmelden. Ze doen ervaring op en we willen ze in de zomer trainen, zodat ze in elk geval de basiscompetenties hebben.’

Efficiency

En nog zal het niet makkelijk zijn. Want zolang onderwijs op anderhalve meter moet, neemt dat vreselijk veel ruimte in beslag. ‘We hopen dat die afstand na de zomer losgelaten mag worden, maar daar kunnen we nu nog niet op sturen’, zegt Wijmenga. 

Efficiency moet een deel van het probleem oplossen. Strak roosteren dus, en leegstaande ruimtes voorkomen. Heel misschien – maar dat is echt maar een losse gedachte – zou je kunnen denken aan kortere colleges. ‘Maar dat zijn dingen die docenten moeten bedenken’, zegt ze. ‘Daar zijn die brainstormsessies ook voor.’

Ze is optimistisch, ondanks de tegenvallende coronacijfers van dit moment en ondanks het feit dat de opening van het hoger onderwijs alwéér is opgeschoven, naar 26 april.

‘Wat echt een verschil is, na de zomer, is het vaccineren’, benadrukt Wijmenga. ‘Je ziet in het buitenland wat voor een dramatisch effect dat heeft. En als de acute druk op de zorg weg is, is het probleem meteen een stuk minder. Tegen de zomer moeten toch echt een hoop mensen ingeënt zijn.’

Blended learning

Dat betekent dus ook dat er na de zomer een definitief einde komt aan ‘hybride’ onderwijs: fysieke colleges die tegelijkertijd ook online uitgezonden worden. Dat gaat immers ook in tegen wat studenten zo belangrijk vinden: het ontmoeten. ‘We willen geen online universiteit zijn. Je moet op de campus kunnen verschijnen’, benadrukt Wijmenga.  ‘We gaan naar het blended leren, met delen online en delen fysiek.’

Misschien kunnen we met picknickbanken en tenten buiten onderwijs geven

Tot de zomer ziet Wijmenga echter veel minder mogelijkheden. Het hoger onderwijs kan misschien weer een beetje open vanaf 26 april – met sneltesten en zelftesten – maar daar kleven nog veel haken en ogen aan. ‘Je kunt dat zelftesten niet verplichten en tot die tijd zullen er dus altijd mensen zijn die zich niet veilig voelen’, zegt ze. 

Het opnieuw omgooien van het onderwijs met het einde van het academisch jaar in zicht, is daarom niet te verwachten. De huidige experimenten met fieldlabs en de snelteststraat zijn interessant, ‘maar het is toch de vraag: is dit blijvend of tijdelijk? Als er nieuwe varianten zijn waar het vaccin niet tegen werkt, dan moet je blijven testen. Maar zo niet, dan verdwijnt dat weer’.

Buitenlocaties

Topprioriteit is dan ook ervoor zorgen dat studenten elkaar weer kunnen ontmoeten. Wijmenga hoopt dat de voormalige openbare bibliotheek in de Oude Boteringestraat – die vorig jaar als extra ruimte werd ingezet – weer open kan, zodat studieverenigingen weer samen kunnen komen.

En ze wil er alles aan doen om meer studieplekken creëren – zolang dat kan. In mei beginnen er immers alweer tentamens. ‘Dan denken we ook aan buitenlocaties’, zegt Wijmenga. ‘Dan wordt het wat mooier weer, misschien kunnen we zo met picknickbanken en tenten onderwijsgerelateerde activiteiten laten plaatsvinden voor de studenten.’ 

Wijmenga hoopt nadrukkelijk dat mensen zich realiseren dat de coronacrisis ook goede dingen brengt.  ‘Ik snap dat dit een heel zware tijd is voor studenten en medewerkers. Tegelijkertijd leren we ook andere dingen die enorm waardevol zijn: beter plannen, zelfstandig zijn en creativiteit aanspreken. Dat aspect mogen we ook best benoemen. We doen er goed aan om naar beide kanten te kijken.’

Ben jij één van die mensen die wel onderwijsondersteuning wil geven in de pool van Ruggesteun?  Binnenkort volgt meer informatie op de Student Portal over de beschikbare vacatures. 

English