Studenten

Schaatstoppers bij geneeskunde

Dan maar hard

Geneeskundestudentes Sterre Jonkers en Femke Beuling schaatsten kort geleden naar goud en zilver bij de wereldbeker voor junioren in Inzell. En dat terwijl Sterre vroeger geen uitblinker was en Femke aanvankelijk niet eens mocht schaatsen van haar ouders.
 Door Lucia Grijpink / Foto Reyer Boxem

De deur van kleedkamer 2 gaat open. Er komen twee schaatssters naar buiten. Blauwe pakken met Friese vlaggen op de kuiten, klapschaatsen met felgekleurde beschermhoezen en twee blonde paardenstaarten. ‘We kunnen niet te lang schaatsen hoor. Het is hier veel te koud.’

Twee weken geleden was de wereldbeker voor junioren in het Duitse Inzell. Studente geneeskunde Sterre Jonkers (19) bemachtigde de gouden plak op de drie kilometer. Haar studiegenoot Femke Beuling (17) sleepte de zilveren medaille op de vijfhonderd meter in de wacht. Op Kardinge binden ze de ijzers onder om een rondje te maken.

‘Eigenlijk trainen wij altijd in Thialf, Heerenveen’, zegt Sterre terwijl ze haar beschermhoezen afdoet. ‘Het is daar net een paar graadjes warmer.’

‘De wc’s stinken daar ook wat minder’, grinnikt Femke.

Synchroon

De dames stappen het ijs op en glijden soepel weg. Het is rustig op de baan, zo aan het begin van het recreatieve uurtje. Hun klapschaatsen trekken strepen in het pas gedweilde ijs. Perfect synchroon maken ze rustige slagen. Maar ondanks het trage tempo schieten ze de baan over.

Beide studentes wonen in Heerenveen. Sterre woont er samen met haar vriend en Femke heeft haar eigen appartementje. Daar verhuisden ze al meteen na de middelbare school naartoe. Logisch, want ze zijn vaker op de schaats te vinden dan in de collegebanken. ‘Als de training om 7.45 uur ’s ochtends begint, moet je al om 7.15 uur warming-up doen’, zegt Sterre. ‘Dat is vanuit Groningen niet te doen. In het centrum van Heerenveen kom ik eigenlijk nooit. Het is de ijsbaan, het station of Groningen.’

Ze hebben wel bekijks van de recreatieve schaatsers met hun flitsende pakken en perfecte slagen. Een mevrouw remt even af. ‘Waanzinnig om dit een keer van dichtbij te zien, dames. Echt heel mooi.’

Selectie

Sterre begon pas op haar dertiende met schaatsen. Ze trainde in Assen en was niet eens de uitblinker van de groep. ‘In het begin deed ik nog aan volleybal op hoog niveau en vond ik de gezelligheid om het schaatsen heen veel belangrijker. Daarnaast doe je bij de junioren vooral aan sprintafstanden, waar ik veel te langzaam voor ben. Pas toen we langere afstanden gingen doen, kwam ik in de selectie terecht.’

Voor Femke was de liefde voor het schaatsen er wel meteen. Al op haar tiende zat ze de hele winter voor de buis schaatsen te kijken bij haar ouders in Emmeloord. Van 500 meter sprint tot 10 km, mannen en vrouwen – ze keek alles.

Maar zelf schaatsen? Dat zat er niet meteen in. Haar ouders zagen het niet zitten om hun dochter voortdurend heen en weer naar Heerenveen te rijden. Femkes tweelingzus zat op atletiek. Had ze geen zin om dat te proberen? ‘Ik heb het even gedaan, maar gelukkig waren er meer mensen uit Emmeloord die gingen schaatsen. Toen kon ik meerijden.’

Topsportregeling

Beide studentes moeten hun sport combineren met een intensieve studie, met veel verplicht onderwijs en tussentoetsen. En dat is niet altijd makkelijk.

‘Toen Femke vroeg of het te combineren was, zei ik dat het best wel kon’, zegt Sterre, die een jaar op haar sportmaatje voorloopt. ‘Daar ben ik nu wel van teruggekomen.’

Femke grinnikt. ‘Helaas had ik toen al decentrale selectie gedaan.’

‘Meestal haal ik net zestig procent op een tentamen’, vervolgt Sterre. ‘Dan ken je die andere veertig procent ook echt niet. Als iemand dezelfde score als ik heeft op een tentamen, vraag ik me soms af: Wat doe jij er dan nog naast?’

Wel mogen ze tot vijftig procent van de verplichte tutorgroep missen als deze samenvalt met een training. Ze vallen namelijk onder de topsportregeling van de RUG. Deze regeling zorgt ervoor dat studenten kunnen sporten op topniveau en tegelijkertijd een studie kunnen volgen.

Vanavond hebben de meiden nog een training in Thialf en dus houden ze het na een half uurtje wel voor gezien. Tijd voor warme chocolademelk in de kantine.

Veel studiegenoten snappen maar weinig van hun schaatsgekte. Femke: ‘Soms twijfel je tussen het afzeggen van een tutorgroep of een training. Een studiegenoot zei een keer: Kom op, wat is er nou belangrijker? Studie of schaatsen? Schaatsen, antwoordde ik toen, waar hij totaal van achterover sloeg. Maar hoe ga je dan je geld verdienen? vroeg hij.’

Ze grinnikt: ‘Door hard genoeg te schaatsen natuurlijk.’

Wereldbeker

Het succes tijdens de wereldbeker in Inzell was boven verwachting. Sterre was zelfs allang blij dat ze mee mocht doen. Stiekem hoopte ze op een derde plek en een persoonlijk record.

‘Voor de race had ik met mijn trainer afgesproken om niet te hard van start te gaan. Rondjes van 33 laag moesten het worden.’ Maar ze schaatste harder dan verwacht. ‘Als het zo makkelijk gaat’, dacht ik, ‘dan maar hard.’ Ook haar trainer was al snel van zijn plan afgestapt. In plaats van de rondetijden door te geven voor de bocht, stond hij nu met z’n armen in de lucht ‘Ja, gaat goed!’ te schreeuwen.

Niemand had haar prestatie voorspeld. Sterres grootste concurrente, Joy Beune, was de gedoodverfde winnaar. Ze startte tegelijk met Sterre. ‘Ik zat naar Joys rondetijden te kijken en ik zag dat ik harder ging.’

Femke onderbreekt haar vriendin. ‘Daar hoor je echt niet naar te kijken tijdens je race.’

Femke bekeek de wedstrijd met een aantal teamgenoten in de hotelkamer. Ze was stomverbaasd. ‘We dachten: Moet ze niet nog een rondje of zo?’

Voor Femke was de concurrentie op de vijfhonderd meter lastiger in te schatten. Ze schaatste geen vlekkeloze rit en dacht een goede eindtijd wel te kunnen vergeten. Maar ze bleek toch de één na snelste. Een andere Nederlander was sneller. ‘Als er dan toch iemand van je moet winnen, dan maar een Nederlander.’

En daarna?

Studeren. De meiden kwamen maandag terug in Heerenveen. Woensdag had Femke tentamen. ‘Het ging helemaal niet goed en ik hoorde vandaag dat ze er ook nog een vraag uit hebben gehaald die ik goed had.’

Olympische Spelen

De combi van een studie geneeskunde en topsport is dus zwaar, maar de twee zijn nog niet van plan om de schaatsen naar zolder te brengen. ‘Als het zo blijft, dan ga ik wel door tot m’n dertigste en stel ik mijn coschappen dus uit’, zegt Sterre. ‘Het liefst wil ik nog een Olympische Spelen meemaken. Daarna wil ik wel een keertje kinderen.’

‘Claudia Pechstein schaatste op haar 45-ste nog een wereldbeker, maar dat lijkt mij ook wat overdreven,’ zegt Femke. ‘Je wilt vooral vooruitgang blijven zien.’

Voorlopig blijven Femke en Sterre dus heen en weer pendelen tussen Heerenveen en Groningen om aan die Olympische droom te werken. En om te genieten van het ‘warme’ Thialf.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here