Universiteit
Foto Pexels / Алесь Усцінаў

Oekraïners blikken terug op 2022

‘Ik leid mezelf af met lesgeven’

Foto Pexels / Алесь Усцінаў
De oorlog in hun thuisland heeft het leven van Oekraïense studenten en medewerkers van de RUG voor altijd veranderd. Vijf van hen kijken terug op het afgelopen jaar. ‘In dit soort bewogen tijden begrijpen alleen andere Oekraïners je.’
20 december om 16:29 uur.
Laatst gewijzigd op 9 januari 2023
om 12:42 uur.
december 20 at 16:29 PM.
Last modified on januari 9, 2023
at 12:42 PM.
Avatar photo

Door Yuling Chang

20 december om 16:29 uur.
Laatst gewijzigd op 9 januari 2023
om 12:42 uur.
Avatar photo

By Yuling Chang

december 20 at 16:29 PM.
Last modified on januari 9, 2023
at 12:42 PM.
Avatar photo

Yuling Chang

Uliana

Onderzoeker aan de Faculty of Science and Engineering

‘Ik voelde nooit eerder de behoefte om andere Oekraïners op te zoeken’, zegt Uliana, die elf jaar geleden uit Oekraïne vertrok. Maar dat veranderde toen de Russen haar thuisland binnenvielen.

‘In dit soort bewogen tijden begrijpen alleen andere Oekraïners je’, zegt ze. ‘We hoeven elkaar niet eens uit te leggen hoe we ons voelen. We willen gewoon bij onze eigen mensen, onze eigen cultuur zijn.’

Ze luistert nu zelfs alleen nog maar naar liedjes in het Oekraïens. ‘Ik kan echt nergens anders meer naar luisteren. Het geluid van de Oekraïense taal is heel troostend en ik voel me daardoor verbonden met mijn land.’

Historisch gezien zijn Rusland en Oekraïne nauw verwant: de meerderheid van de Oekraïners is tweetalig, bijvoorbeeld, en velen spreken Russisch met vrienden en familie. Maar de laatste tijd zijn veel Russischtalige Oekraïners overgestapt op Oekraïens in hun dagelijks leven. ‘Oekraïners willen niet meer in die Russische invloedssfeer zitten, bijvoorbeeld met boeken, muziek en nieuws.’

‘De eerste aanleiding was de invasie in 2014, toen de Krim en delen van het oosten van Oekraïne geannexeerd werden’, legt Uliana uit. Zij en haar familie zijn ook overgestapt op het Oekraïens. ‘Dat gebeurde eigenlijk vanzelf.’

Ze praat alleen met Russen als het echt nodig is. ‘Nu meer dan ooit is onze taal een uitdrukking van onze identiteit. Als ik iemand Russisch hoor spreken, weet ik niet of ze Russisch of Russischtalige Oekraïners zijn. Taal maakt veel uit.’

‘Ik hoop dat Oekraïne zich kan bevrijden en alle banden met Rusland verbreekt’, zegt Uliana. Maar ze weet ook dat hun buurland het ze niet zal makkelijk maken. ‘Rusland heeft de Sovjet-Unie nog niet achter zich gelaten. Ze hebben nog steeds die imperialistische ambities; ze willen de omliggende landen koloniseren.’

De naam Uliana is gefingeerd.

Yuliya Hilevych

Universitair docent economische en sociale geschiedenis

In oktober en november werd de geboortestad van Yuliya Hilevych gebombardeerd. ‘Mijn moeder heeft het allemaal gezien. Ze hebben de energievoorzieningen vernietigd’, zegt ze. Het merendeel van haar familie woont nog in Oekraïne; alleen een neef is naar Nederland verhuisd.

‘Ze hadden geen elektriciteit en geen internet, dus ik kon mijn moeder niet bereiken toen het gebeurde. Het enige wat ik kon doen was wachten op het nieuws over het aantal doden en wat voor infrastructuur er was geraakt.’

Haar familie overleefde de aanval, maar de oma van Hilevych, die 83 jaar oud was, was een indirect slachtoffer van de oorlog. Ze brak haar heup en omdat het ziekenhuis niet veel voor haar kon doen, overleed ze. ‘Een gebroken heup is bijna altijd een doodvonnis voor oudere mensen. Maar in oorlogstijd is de gezondheidszorg gewoon niet op ze berekend.’

Ze vindt het belangrijk dat mensen weten dat de oorlog in Oekraïne al ver voor februari 2022 aan de gang was. ‘Het was al oorlog in Donetsk, Luhansk en de Krim. Dit jaar was het begin van een totale oorlog. Het is niet iets anders, maar één grote operatie met verschillende stadia. Dit is het meest extreme stadium.’ 

Kostia Gorobets

Universitair docent aan de rechtenfaculteit

‘Ik voel me er niet prettig bij om over de situatie in Oekraïne te praten. Daardoor beland ik weer in de emotionele toestand waar ik juist uit probeer te komen’, zegt Kostia Gorobets. Desondanks deelt hij zijn verhaal, omdat hij wil helpen om Oekraïne onder de aandacht te houden. 

Gorobets’ ouders wonen in Novotroitske, een stad in de bezette regio Kherson. Zijn vader was hoofdredacteur van een lokale krant daar. ‘Het is heel gevaarlijk om journalist te zijn in bezet gebied. De krant drukken is niet mogelijk en veel lokale media kunnen niet meer verschijnen.’ 

Zijn ouders besloten toch te blijven, om praktische redenen. ‘Als je weggaat, wordt je huis leeggeroofd. Dan worden er Russische soldaten gestationeerd en die vernielen alles. Dat is wat er in veel bezette gebieden in Oekraïne is gebeurd.’ 

Als hij op het nieuws ziet dat het Oekraïense leger een gebied bevrijd heeft, ‘is dat een bitterzoet gevoel’, zegt hij. ‘Je bent blij omdat mensen veilig zijn, omdat we bezet gebied teruggewonnen hebben en de wederopbouw kan beginnen. Maar je weet ook dat er verschrikkelijke dingen naar buiten zullen komen.’ 

Hij probeert het nieuws zoveel mogelijk te vermijden. ‘Die informatiestroom zorgt voor veel stress, of het nou goed of slecht bericht is. Dat maakt niets uit’, zegt Gorobets.

Het is voor hem niet makkelijk om zich te concentreren op zijn leven in Groningen.  ‘Met lesgeven kan ik mezelf afleiden, omdat ik met studenten praat over dingen die niets met de oorlog te maken hebben. Daar ben ik blij om.’  

Net als Uliana, praat hij liever niet met Russen. ‘Als het echt moet, beperk ik het gesprek tot het absolute minumum. Het gaat me niet om de persoon, maar het is emotioneel zwaar voor me.’ Hoewel hij het grootste deel van zijn leven Russisch sprak, wil hij die taal niet meer gebruiken. ‘Ik ben na 2014 overgestapt op het Oekraïens als ik met vrienden en familie praat’, legt hij uit. 

Als hij nu Russisch hoort op straat in Nederland, ‘gaat er een soort waarschuwing af dat dit een vijand is’, zegt hij. ‘Ik word dan heel gespannen en voel me ongemakkelijk.’ 

Sommige Oekraïners die hij kent spreken nog altijd Russisch. ‘Dat neem ik ze niet kwalijk, want ik weet hoe lastig het is om over te schakelen op een andere taal’, zegt Gorobets. ‘Maar taal is een van de zaken waarmee je een vriend van een vijand kunt onderscheiden als iemand voor je staat. Dus ik vind het pijnlijk als ik dat niet weet.’ 

Olha Cherednychenko 

Hoogleraar Europees privaatrecht en vergelijkend recht

‘Een paar weken geleden kwam er een raket terecht op een speeltuin twintig meter van de Universiteit van Kyiv waar mijn vader werkt en waar ik begonnen ben om Nederlands te leren’, zegt Olha Cherednychenko, die hier al 25 jaar woont. Ze kon het nauwelijks geloven. ‘Dat is midden in het centrum. Het was vreselijk beangstigend.’

De eerste twee weken na de invasie sliep ze nauwelijks. ‘Ik was constant wakker en checkte het nieuws om te zien of mijn ouderlijk huis er nog stond.’ 

Dankzij haar werk werd ze niet gek. ‘Ik ben doorgegaan met werken alsof er niets gebeurd was. Dat zorgt voor structuur in mijn leven. Het zou zwaarder zijn als ik niet kon werken’, zegt ze. ‘Om overeind te blijven is het belangrijk dat ik mijn bezigheden gewoon voortzet.’  

Cherednychenko maakt zich veel zorgen om haar ouders. ‘Een paar weken geleden hadden ze op een gegeven moment 24 uur lang geen water, maar gelukkig hadden ze nog wel elektriciteit. Mijn grootste angst is dat alles uitvalt en dat het dan gaat sneeuwen.’  

Valeriya Kornilova

Behaalde onlangs haar bachelor internationaal en Europees recht

Valeriya Kornilova herinnert zich het moment dat Rusland Oekraïne binnenviel als de dag van gisteren. ‘Iedereen die Oekraïens was, werd wakker in een andere werkelijkheid’, zegt ze. Ze belde haar ouders en vrienden om te kijken of alles goed met ze ging: ‘Ze vertelden dat ze gewekt waren door de bombardementen en beschietingen.’

Ze zei tegen haar ouders dat ze naar Nederland moesten komen. ‘Maar ze besloten te blijven. Ze wilden niet weg.’ Gelukkig is de situatie in haar geboortestad Odesa nu stabiel. ‘Ik maak me nog steeds zorgen, maar ik ben minder gestrest dan in het begin.’

Voor de mensen in Odesa is het leven wel anders geworden. ‘Mensen kunnen minder werken, bijvoorbeeld, of ze hebben minder inkomen.’ Dat geldt ook voor haar ouders, die allebei advocaat zijn. ‘Ze hebben cliënten nodig om geld te verdienen, maar die vertrekken allemaal vanwege de oorlog.’

Kornilova’s leven in Nederland mag dan stabiel zijn, maar zij zelf is wel veranderd. Ze is ineens veel meer geïnteresseerd in politiek. ‘Ik was veertien jaar oud toen de Krim werd geannexeerd in 2014. Ik leed daar in principe niet onder, dus liet ik het maar aan de politici over. Ik was neutraal wat het conflict betreft.’

‘Nu sta ik wel degelijk aan de kant van mijn eigen land. Er is geen compromis mogelijk in deze situatie. We moeten Oekraïne steunen. Anders houden we misschien wel op te bestaan.’

Engels