Studenten
Alle chauffeurs samen in Wrocław. Warner en Robin staan rechts.

Naar Oekraïne en weer terug

Zes vluchtelingen, drie honden en 400 onderbroeken

Alle chauffeurs samen in Wrocław. Warner en Robin staan rechts.
Journalistiekstudenten Robin Tijhof en Warner van der Louw reisden vorige week 2500 kilometer om 400 paar onderbroeken af te leveren bij Oekraïense vluchtelingen en zes mensen weer mee terug te nemen. UKrant volgde ze op hun tocht.
28 april om 11:58 uur.
Laatst gewijzigd op 28 april 2022
om 13:25 uur.
april 28 at 11:58 AM.
Last modified on april 28, 2022
at 13:25 PM.

Door Jonah Franke-Bowell

28 april om 11:58 uur.
Laatst gewijzigd op 28 april 2022
om 13:25 uur.

By Jonah Franke-Bowell

april 28 at 11:58 AM.
Last modified on april 28, 2022
at 13:25 PM.

Jonah Franke-Bowell

Woensdag 20:00 uur Wrocław

‘Zo, dat was me het dagje wel’, zegt Warner.  

Hij en zijn maat Robin rijden net de snelweg bij Wrocław weer op voor de laatste etappe van de dag. Ze zijn om zes uur vanochtend uit Groningen vertrokken en zijn nu op weg naar de plek waar ze zullen overnachten. Ze zijn langs Bremen, Braunschweig en Leipzig gekomen en nu al 150 kilometer voorbij de Poolse grens. 

‘We zijn nog niet zo vaak gestopt’, vertelt Warner. ‘Een of twee keer om naar de wc te gaan en nog een keer in Leipzig voor een snelle maaltijd van kipnuggets en koffie bij McDonald’s.’ 

Het is geen pleziertochtje. De studenten maken deel uit van een konvooi van vier busjes die vanuit Groningen naar Przemyśl rijden, de stad aan de Oekraïense grens die een verzamelpunt is geworden voor mensen die de oorlog ontvluchten. Hun busje is tot de nok toe gevuld met hulpgoederen. ‘Het plan is om een deel daarvan af te leveren bij een klooster in het zuidoosten van Polen, en de andere spullen gaan in Przemyśl naar vluchtelingen die ze nodig hebben’, zegt Warner.   

Ondergoed

De reis is georganiseerd door de Stichting Oekraïne Express en wordt bekostigd met donaties. De stichting regelt de busjes, die eens per week uit Nederland vertrekken. Vrijwilligers in het opvangcentrum in Polen zorgen ervoor dat de konvooien goederen meenemen waar werkelijk behoefte aan is. In dit geval: koffers, ondergoed, babyvoeding, luiers en houdbaar eten.

En dus werden Warner en Robin vorige week geacht zoveel mogelijk onderbroeken bijeen te zoeken. ‘Heb je wel eens geprobeerd om 400 paar onderbroeken te kopen?’ vraagt Warner. ‘Dat is niet makkelijk! We probeerden het eerst bij de Makro, maar die had alleen ondergoed voor mannen.’ 

De twee kwamen uiteindelijk bij een Poolse Action terecht in Wrocław. ‘We waren net de grens over, parkeerden daar en kochten voor 900 euro aan ondergoed’, vertelt Warner. ‘De man bij de kassa keek een beetje vreemd op dat we vier grote winkelmandjes helemaal tot de rand gevuld hadden, maar hij sprak goed Engels en toen we uitlegden waarom we daar waren, scande hij ze zonder verder commentaar.’ 

De studenten hadden zich zo goed mogelijk op de reis voorbereid, maar ze maakten zich toch nog een beetje zorgen. Zouden ze wel op tijd komen? Wat als het busje stuk zou gaan? 

Gelukkig had de stichting – die al vier van zulke tochten had georganiseerd – een uitgebreide briefing klaarliggen. ‘Blijkbaar zijn Oekraïners zelfs in tijden van oorlog uitermate beleefd. Als ze iets aangeboden krijgen, slaan ze dat eerst drie keer af voor ze het de vierde keer schoorvoetend aannemen’, legt Robin uit vanaf de bestuurdersstoel van hun blauwe Renault.  

Donderdag 16:00 uur Rzeszów

Op donderdag is het alsof ze in een compleet ander busje zitten. Al het ondergoed is weg en daarvoor in de plaats zijn zes vluchtelingen gekomen. Zij hebben hun drie honden en een kat meegenomen – die zitten in het busje van een andere vrijwilliger. 

De studenten zijn die ochtend om zes uur wakker geworden, nadat ze de nacht in een hostel in Rzeszów hebben doorgebracht. Net na zevenen reden ze weg, om rond acht uur in Przemyśl aan te komen. Daar hebben ze hun vracht uitgeladen bij het klooster, waar de nonnen de gedoneerde spullen opslaan en uitzoeken. ‘Het is geweldig hier in Polen’, zegt Robin. ‘Iedereen lijkt te proberen om een steentje bij de dragen.’ 

Mensensmokkel

Het konvooi krijgt daarna te horen dat ze zich moeten melden bij een grote oranje tent op de parkeerplaats van een voormalig winkelcentrum, dat nu in gebruik is als vluchtelingenopvang. ‘Het is hier echt een goed-geoliede machine’, zegt Robin. Er gaan verhalen rond over mensensmokkel, en om de vluchtelingen daartegen te beschermen krijgen de studenten ‘volgarmbandjes’ met een QR-code die ze linkt aan de QR-codes van de mensen die ze meenemen.  

Een Oekraïense contactpersoon zorgt ervoor dat vluchtelingen die naar Nederland willen een plekje in de bus krijgen. In totaal reizen er 23 vluchtelingen met het konvooi mee terug. Ze komen uit Kharkiv, Bucha en Manhush nabij Mariupol en het zijn vooral jonge vrouwen en kinderen – alle volwassen mannen tot 60 jaar moeten in Oekraïne blijven. ‘Sommige van onze passagiers zitten nog in de overlevingsstand, dat is duidelijk. Maar dat is ook wel begrijpelijk als je met je familie de oorlog ontvlucht’, vindt Robin.

Donderdag 23:30 uur Leipzig

Zelfs als je een vluchteling bent, willen Duitsers dat hun paperassen goed worden ingevuld, ontdekt Robin die avond. 

De studenten parkeren bij een hotel in Leipzig, dat eerder die dag is geboekt door iemand uit hun konvooi. Er volgt het nodige bureaucratische gedoe – de bestuurders en hun passagiers moeten zich allemaal registreren – en dan is het al bijna middernacht voor de groep kan uitrusten. ‘Ik was stomverbaasd’, zegt Robin. ‘We zijn met bijna dertig man en zijn in het donker heel Polen doorgereden met mensen die hun huis zijn ontvlucht. En dan durf je te zeggen dat we zo’n stomme regel moeten volgen. Kom op zeg!’  

Kattenproblemen

En dat is niet het enige waar ze tegenaan lopen. ‘De arme kat gaat alleen naar de wc als ie een kattenbak heeft, maar we kwamen erachter dat het hotel die niet heeft.’ 

Via Warners vriendin, die uit Leipzig komt, vinden ze een oplossing. ‘Hij belde haar en zij belde een vriendin, die weer een andere vriendin belde die een kattenbak voor ons had’, vertelt Robin. ‘Die is inmiddels dus gebruikt.’  

En nu zijn de studenten eindelijk in hun hotelkamer en staan ze op het punt om te gaan slapen.

Vrijdag 18:00 uur Groningen

‘Verrassend genoeg waren de vluchtelingen niet bijzonder zenuwachtig’, blikt Robin terug op de vorige dag. ‘We gaven elkaar een hand en hielpen ze om hun bagage in de achterbak te leggen. Onze passagiers sliepen de eerste paar uur van de reis en toen ze erachter kwamen dat we goede chauffeurs waren, dat ze ons konden vertrouwen, werden ze behoorlijk spraakzaam.’ 

De studenten zijn net een half uur terug en zijn er wel aan toe om een koud biertje open te trekken en terug te kijken op hun reis. 

Het laatste stuk, vanaf Leipzig, ging heel voorspoedig: ze hoefden hun passagiers alleen nog maar bij de diverse gastgezinnen en opvangcentra in de provincie Groningen af te leveren. ‘Het was heel mooi. Naarmate we dichter bij de Nederlandse grens kwamen, kon je merken dat de sfeer in het busje meer ontspannen werd.’ 

Trots

De eerste stop was Oude Pekela, waar twaalf mensen uit het konvooi bij een voormalig zorgcomplex werden afgezet, dat is omgebouwd tot accommodatie voor 250 Oekraïense vluchtelingen. Vier uit het busje van Robin en Warner, plus de drie honden. ‘Alle passagiers waren gewoon heel blij dat ze er waren, dat ze veilig waren’, zegt Robin.

Vanaf daar reden ze door naar Noordwolde, waar de overgebleven twee passagiers werden afgeleverd. De overige mensen uit de andere busjes werden opgewacht door gezinnen bij De Rietschans in Haren en in Stadskanaal. 

En nu zit het erop. Robin, Warner en de andere bestuurders hebben een voldaan gevoel. ‘De groep is heel trots dat het ons gelukt is’, zegt Robin. ‘We willen niet als helden gezien worden, maar het voelt goed dat we deze reis konden maken en dat we iets konden doen voor mensen wiens leven op de kop staat.’ 

Het is geen trip die je elke week kunt maken, zegt Robin. ‘Maar anders zou ik zo teruggaan naar Polen.’ 

English