wetenschap

Avontuur gehuld in stilzwijgen

De mist rond Yantai

Anderhalf jaar nadat RUG-voorzitter Sibrand Poppema de plannen voor een campus in Yantai lanceerde, is de stemming onder het personeel weinig veranderd. China geeft binnenkort groen licht, maar Groningen is nog wat huiverig voor de sprong.
Door Peter Keizer

Eind volgende maand besluit de RUG definitief of het naar China gaat. Maar bijna niemand durft erover te praten.

Toen Poppema het plan vorig jaar maart aankondigde, kwamen er vooral veel vragen vanuit de faculteiten. ‘Maar daarop zijn nog geen bevredigende antwoorden gekomen’, zeggen betrokkenen.

Poppema kreeg vanuit verschillende hoeken kritiek. Noch de universiteitsraad, noch de faculteit Economie en Bedrijfskunde was blij met de gang van zaken. De RUG-voorzitter noemde de kritiek ‘sneu’ en de criticasters ‘wijsneuzen’.

SP-Kamerlid Jasper van Dijk wil er alles aan doen om de plannen tegen te houden. De uitleg dat de campus nodig zou zijn om het teruglopende aantal Nederlandse studenten te compenseren, noemt hij ‘bezopen’.

Pogingen om de communicatie te verbeteren, hielpen weinig. De Yantai-website is niet up-to-date, de voortgangsgesprekken zijn vertrouwelijk en de verspreiding van het bedrijfsplan wordt gecontroleerd.

Het gebrek aan transparantie helpt de plannen niet, zeggen betrokkenen. ‘Ik zie eigenlijk nog heel weinig dingen die duiden op een breed draagvlak binnen de universitaire gemeenschap’, concludeert fractievoorzitter Bart Beijer van de Personeelsfractie.

Leestijd: 13 minuten (2097 woorden)

Het ligt gevoelig. Heel gevoelig. Eind volgende maand zal de RUG definitief besluiten of de universiteit naar China gaat, maar bijna niemand durft erover te praten.

Betrokken faculteitsraadsleden, docenten, hoogleraren, vrijwel niemand wil iets zeggen, of alleen off the record vertellen hoe ze over de Yantai-plannen denken. Als we RUG-baas Sibrand Poppema vragen te reageren op de discussies van de afgelopen maanden, besluit ook hij niets te zeggen. Dat laat althans zijn woordvoerder weten, maar ook die wil daar niet op gequoot worden. Zelfs de zware delegatie van 25 RUG-medewerkers die vorige maand naar China ging om over knelpunten te praten, vertrok stilletjes.

De RUG lijkt z’n adem in te houden. Het Chinese ministerie van Onderwijs moet nog zijn fiat geven, en niets mag dat in de weg staan. Er staat immers veel op het spel: de samenwerking in China, de reputatie van de universiteit. Tot alle seinen op groen staan, zwijgt daarom bijna iedereen. Maar onderhuids borrelt er nog van alles.

‘Het verloopt buitengewoon schimmig’, vertelt een van de betrokken faculteitsraadsleden, die niet met naam genoemd wil worden. ‘Het is een belangrijk dossier dat veel mensen raakt en waar een helder besluit over moet worden genomen. Maar dat lijkt niet mogelijk.’

Chinese kopie

Het begon op 25 maart 2015. Poppema kondigde die dag in de media aan wat hij kort daarvoor in China had besloten: we gaan naar Yantai. ‘RUG opent campus in China’, viel meteen overal te lezen. Nog geen zes weken nadat een Britse collega hem had getipt over de leegstaande campus, was voor Poppema de kogel door de kerk. ‘Het is eigenlijk heel simpel’, vertelde hij de media. ‘We gaan in Yantai een kleinere kopie van onze universiteit maken. De gebouwen staan er al, we kunnen er zo in.’

Maar de medewerkers van de universiteit wisten op dat moment nog van niets. ‘Er leek meteen geen weg meer terug’, memoreert een faculteitsraadslid. ‘Het universiteitsbestuur heeft vanaf dag één het idee tot hun missie gemaakt. Ze hebben eerst allerlei toezeggingen gedaan, pas daarna een plan ontwikkeld en dat proberen ze er nu door te krijgen. En dat blijkt gewoon heel ingewikkeld.’

Vragen, vragen, vragen

Vrijwel direct na de aankondiging kwamen er kritische vragen uit de twee RUG-afdelingen die opleidingen naar China moesten gaan exporteren. Gaat het niet te snel, vroegen medewerkers van de faculteiten Economie & Bedrijfskunde (FEB) en Wiskunde & Natuurwetenschappen (FWN) zich af. Hoe garanderen we de kwaliteit van de opleidingen? Wat betekent het voor de werkdruk aan de RUG? Hoe kan de academische vrijheid worden gegarandeerd? En waarom is er geen analyse van de risico’s?

‘Vragen, vragen, vragen. Er was niet eens zozeer kritiek, maar zo ontzettend veel vragen’, vertelt fractievoorzitter Bart Beijer van de Personeelsfractie, die een aantal voorlichtingsbijeenkomsten over Yantai bij de faculteiten bijwoonde.

Kees van Veen, voorzitter van de faculteitsraad van FEB, schetst hetzelfde beeld. ‘Vanaf het begin is een aantal voor de hand liggende, maar fundamentele vragen gesteld. Bijvoorbeeld over de voordelen en kansen van dit project. Maar daarop is tot nog toe geen bevredigend antwoord gekomen.’

‘Al in april vorig jaar hebben drie gremia (overlegorganen, red.) binnen FEB hele nette en verstandige brieven geschreven aan het universiteitsbestuur, maar die zijn nooit volwassen beantwoord’, zegt ook Tom Wansbeek, hoogleraar econometrie en lid van de FEB-adviescommissie die zich over de voor- en nadelen van het Yantai-plan boog.

Te weinig informatie

En dat deed de sfeer geen goed. Terwijl Poppema een promotiefilm over de campus voorbereidde en geheime ontmoetingen hield met onderwijsminister Jet Bussemaker en het Chinese ministerie van Onderwijs, werd in de faculteitsraden van FEB en FWN geklaagd over het gebrek aan informatie.

We willen eerst een solide plan met antwoorden zien

‘De antwoorden hadden er normaal gesproken allang moeten zijn’, zegt Van Veen. ‘Eigenlijk voordat de RUG zich publiekelijk aan het idee verbond. Het uitstel van de deelname van FEB is dan ook een direct gevolg van deze onorthodoxe aanpak. We willen eerst een solide plan met antwoorden zien. We kennen nu alleen het oppervlakkige verhaal dat al meer dan een jaar bestaat en nooit heeft overtuigd.’

‘Sprong in het diepe’

De adviescommissie die FEB oprichtte om zelf de antwoorden op alle vragen te vinden, uitte felle kritiek in het eindrapport. Yantai was ‘een sprong in het diepe’, schreven commissieleden Beppo van Leeuwen en Frans Rutten. De meest gehoorde voordelen van de campus waren volgens hen ‘slechts aannames’.

‘Daar staan we zeker nog steeds achter’, laten Rutten en Van Leeuwen weten. ‘In onze ogen werden de verwachte opbrengsten overschat, en de risico’s en vereiste inspanningen onderschat.’

Poppema nam de kritiek niet in dank af. In een interview in De Volkskrant noemde hij de commissieleden ‘wijsneuzen’. ‘Er staan in dat rapport bovendien aperte onjuistheden. Het is allemaal zoeken naar spijkers op laag water’, zei hij. Poppema vond het niet ‘respectvol’ dat de commissieleden schreven dat er niets klopte van zijn plannen, zei hij later in een interview met de UK. Maar volgens Rutten en Van Leeuwen heeft de bestuursvoorzitter de conclusies uit het FEB-rapport nooit weerlegd. ‘Die staan nog recht overeind.’

Ondanks de kritiek bleef Poppema erbij dat de commissie en de faculteit in werkelijkheid achter de plannen staan. Maar dat blijkt niet helemaal waar. ‘Bij gebrek aan een overtuigend antwoord op de waaromvraag zal de faculteit, denken wij, de voorkeur blijven geven aan investeren in de eigen kwaliteit’, zeggen Rutten en Van Leeuwen. ‘Bijvoorbeeld via international classroom-projecten, taal- en cultuurbeleid, en learning-community’s. Dat vergroot direct de aantrekkelijkheid van FEB. Men zal daar meer vertrouwen in hebben dan in een onzeker Yantai-project met allerlei verborgen kosten voor de faculteit, zoals onvolledige vervanging van gedetacheerde medewerkers.’

Tegengas

In de zomer van vorig jaar kreeg Poppema ook tegengas uit een andere hoek. De universiteitsraad klaagde al een tijdje over het gebrek aan informatie en de snelheid waarmee de plannen erdoor werden gedrukt, maar juist op dat moment deed Poppema een zet die iedereen verraste: hij gaf de raad instemmingsrecht. Opeens mocht ze meebeslissen of de RUG naar China zou gaan of niet.

De personeelspartijen zagen zo’n beslissing nog niet zitten. Ze wilden meer informatie. Maar Poppema wist dat hij de studentenpartijen meehad en wilde niet wachten. Gewoonlijk zitten twaalf studenten tegenover twaalf medewerkers in de raad. Maar op die dag waren maar zeven personeelsleden aanwezig.

Er heerst heel veel scepsis onder het personeel

‘Het leek alsof Poppema veel weggaf, maar dat was natuurlijk niet zo’, zei raadslid Jan Visser destijds. ‘Hij had de koppen geteld en wist precies dat hij met de studenten een meerderheid zou hebben voor z’n plannen in China.’ ‘Het was een trucje’, zegt een medewerker dicht bij de raad, die niet met naam genoemd wil worden. ‘Voor hetzelfde geld hebben we dat over een paar weken weer, en dan gaan we naar Yantai omdat een paar studenten dat leuk vinden. Er heerst daarom heel veel scepsis onder het personeel.’

En zo werden vorig jaar de plannen voor de zustercampus in Yantai vrij snel met een flinke meerderheid aangenomen. Studentenpartijen SOG, Calimero en Sterk stemden samen met personeelslid Jitse van Dijk (in totaal dertien raadsleden) voor. Voorzitster Hilly Mast was als enige tegen. En de overige vijf personeelsleden stemden blanco, omdat ze eerst meer informatie wilden hebben.

Slim gespeeld, vonden raadsleden Jan Visser en Jan Blaauw. Maar ze lieten het er niet bij zitten. In een interview met de UK uitten ze hun ongenoegen over de tactiek van Poppema. ‘Ik voel me enigszins vernacheld, overdonderd door de welsprekendheid van de collegevoorzitter’, zei Visser. ‘Het steekt dat er niet is geprobeerd om een koers te kiezen die veel meer draagvlak creëert’, vond Blaauw.

En dat bleef niet onopgemerkt. Poppema haalde in De Volkskrant meteen uit: ‘De raad vroeg zelf om medezeggenschap, terwijl ze daar feitelijk geen recht op had. Het is een beetje sneu als je vervolgens zegt: de collegevoorzitter is veel te slim voor ons.’

Blaauw is ‘niet zuur’ om de reactie van Poppema. ‘Dat is hoe het toen ging en wij hebben gedaan wat we nodig vonden. Er zat veel emotie in, en bezorgdheid, maar ook veel respect voor de grote uitdaging.’

‘Megalomane bestuurder’

SP-Kamerlid Jasper van Dijk viel wel over de woorden van de RUG-voorzitter. ‘Een schoolvoorbeeld van een megalomane bestuurder’, noemde Van Dijk hem en stelde meteen Kamervragen over de Yantai-plannen.

‘Dat vind ik nog steeds’, zegt Van Dijk nu. ‘Het is grootheidswaanzin. Poppema heeft gezegd dat hij de campus wil beginnen om het dalende aantal Nederlandse studenten te compenseren. Dat vind ik bezopen. Als dat het argument is om vestigingen in China te openen, dan zijn we echt op de verkeerde weg. Ik heb de minister gevraagd alles te doen om het plan ongedaan te maken.’

Ondanks de Kamervragen heeft Visser tot nu toe niet gemerkt dat zijn kritiek effect had. ‘Het gaat immers gestaag door. Dat is niet vreemd, want het proces stopzetten zou een enorm gezichtsverlies zijn voor de RUG’, zegt hij.

‘We gaan door’

En zo zag Poppema het ook. Er was geen reden om de plannen af te remmen, vond hij destijds: ‘Het zou idioot zijn om te zeggen dat wij dit allemaal doen en al die mensen allemaal dingen laten toezeggen en de universiteitsraad aansporen, om vervolgens te zeggen: ‘Toch maar niet.’’

Op de kritiek dat het allemaal te snel ging, wilde hij wel ingaan. ‘Ik heb kunstmatig haast gecreëerd, omdat ik wist dat het moment van ondertekening er zou komen. Ik wilde dat de Chinese partners deze urgentie ook zouden ervaren. Want als ik geen haast heb, dan hebben zij ook geen haast’, legde hij uit.

Open en eerlijk

De kritiek had toch wel enig effect. Poppema beloofde de communicatie te verbeteren en meer duidelijkheid te geven. Hij liet een website met alle informatie over Yantai optuigen. Ook ging hij in op de wens van FEB en liet een bedrijfsplan opstellen door een nieuwe commissie. Daarin zouden ook de risico’s worden beschreven.

Laten we er open en eerlijk over praten

Maar de concessies bleven een beetje tussen wal en schip hangen. Zo dateert de laatste update op de website van april, wordt de voortgang van de plannen steeds vertrouwelijk besproken en is het bedrijfsplan weliswaar openbaar, maar kun je het pas lezen als je het hebt aangevraagd bij de griffier.

‘Het jammere is dat het steeds wordt besproken in de sfeer van: het mag wel met die worden besproken, maar niet met die. Terwijl je, om draagvlak te creëren, eigenlijk moet zeggen: laten we er open en eerlijk over praten’, meent Bart Beijer. ‘Ik zie eigenlijk nog heel weinig dingen die duiden op een breed draagvlak binnen de universitaire gemeenschap.’

Steun

En steun van de medewerkers is nu juist cruciaal voor het succes van de campus in Yantai, staat in het bedrijfsplan dat vorige maand verscheen.

Voor FEB was het gebrek aan draagvlak reden om zich uiteindelijk terug te trekken. ‘We hebben maar weinig informatie gekregen’, constateren Rutten en Van Leeuwen, beide officieel met pensioen, maar nog steeds verbonden aan de universiteit. ‘Daarmee is aan een van onze aanbevelingen in elk geval niet voldaan: het creëren van toewijding op de werkvloer, door transparant opereren en open communicatie. Voor zover onze waarneming strekt, heeft informatie over de ontwikkelingen die sinds het voorjaar hebben plaatsgevonden bijna steeds het stempel ‘vertrouwelijk’ gekregen. Dat is vreemd en contraproductief voor een project dat alleen kan slagen als het universiteitsbreed wordt gesteund.’

Het bedrijfsplan komt te laat, vinden ze. En het is ook niet compleet. ‘Het kan de schrijvers niet ontgaan zijn dat het draagvlak bij FEB zeer gering is, maar ook dat bij andere vakgroepen, zoals scheikunde, veel weerstand bestaat. Je zou verwachten dat deze omstandigheden worden benoemd en geanalyseerd.’

Groene seinen

Rutten en Van Leeuwen vinden dat ‘Yantai’ nog te zonnig wordt voorgesteld. Goeie opleidingen kopieer je niet zomaar naar China, denken ze. En ze vrezen dat er een forse last zal rusten op de faculteiten om de kwaliteit in Yantai op peil te houden. ‘Kortom, in het meest aannemelijke scenario wordt het voor de RUG hard werken met vooralsnog een beperkt resultaat. Zo is het de meest succesvolle voorbeelden, de campussen van Liverpool en Nottingham, immers ook vergaan.’

Hun commissiegenoot Tom Wansbeek denkt er anders over. ‘Het is een spectaculair avontuur’, vindt hij. ‘Natuurlijk zitten er haken en ogen aan, en zal het een proces vol leuke en minder leuke verrassingen worden. Maar we doen mee!’

Naar verwachting gaan deze maand de seinen in China op groen. Vervolgens mag de universiteitsraad nog adviseren of de universiteit ermee door moet gaan of niet. Minister Bussemaker krijgt uiteindelijk het laatste woord.

Zij werkt volledig mee aan de totstandkoming van de campus, maar houdt tegelijkertijd een vinger aan de pols. ‘Het is noodzakelijk dat de RUG hiervoor een breed draagvlak heeft binnen de instelling’, zei ze eerder tegen de Tweede Kamer. ‘Indien ik twijfel aan de wenselijkheid van dit initiatief, of wanneer het ernaar uitziet dat de plannen kwalitatief of financieel onvoldoende geborgd zijn, zal ik ingrijpen.’

 

Lees hier de volledige reactie van Frans Rutten en Beppo van Leeuwen, oud-leden van de FEB-adviescommissie.

Timeline

English

1 REACTIE

  1. Verstandige mensen bij FEB! Yantai , niet doen! Jammer voor Poppema, maar de universiteit is er niet voor speeltjes van ” megalomane bestuurders’!
    FEB-ers: graag uw RUG rechthouden, en het Chinese avontuur niet ondersteunen!

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here