Studenten

Tiny house op het water

Liever het schip in

Weinig mensen wonen op een zeilboot. Een klein groepje studenten in Groningen doet dat met plezier, al zijn ze daardoor gedwongen tot een minimalistisch bestaan. ‘Leven op het water, pal in de stad, dat is heel speciaal.’
Door Jonah Franke-Bowell / Video Rianne Aalbers
12 oktober om 17:38 uur.
Laatst gewijzigd op 13 oktober 2021
om 22:04 uur.
oktober 12 at 17:38 PM.
Last modified on oktober 13, 2021
at 22:04 PM.

Het constante geluid van de buitenboordmotor zakt ineens een paar octaven. Foute boel. ‘Ze zit vast. Er zit een hele hoop modder onder’, gromt university college student B (geloof het of niet, zo heet hij echt). ‘We moeten haar eruit trekken.’

B is de eigenaar van een tien meter lange boot genaamd Lieve Noor. Hij brengt haar vanaf Garnwerd, waar ze deze zomer aangemeerd lag, terug naar Groningen. Maar nu zit ze dus vast in de modderige bodem van het Reitdiep, het water dat Groningen met de zee verbindt.

Starende oma’s

B kleedt zich gauw tot zijn onderbroek uit en duikt in het koude water, waar hij de modder voor Noor begint weg te werken. Op een terrasje op de oever kijkt een klein groepje oudere dames geamuseerd toe. ‘Doen jullie dit vaker?’ vraagt een van hen. ‘Groningen is de andere kant op, hoor’, grinnikt een ander.

Maar B besteedt er geen aandacht aan en na wat onderwatergraven en een glas rum is Noor weer los. ‘De motor heeft al voor een hoop ellende gezorgd, maar ik zou nergens anders in de stad willen wonen’, zegt B trots.

Een koude douche kan ook lekker zijn

Het is dan wel geen gewone woonboot, maar het is wel degelijk B’s huis geworden. Een huis op het water. Een huis waarmee je de oceaan kan bedwingen. B is een van de studenten die besloot dat wonen in een gewoon studentenhuis of studio niets voor hen is. Zij kozen ervoor om hun studentenleven op een boot door te brengen.

Verkocht

B was altijd al bij water te vinden, maar hij leerde pas echt zeilen tijdens een tussenjaar: ‘Ik ontmoette een paar jongens in een bar in Gijon in Spanje en ze vroegen of ik mee wilde op een zeiltocht over de Golf van Biskaje. Dat kon ik toch niet afslaan?’ Hij was direct verkocht.

Hij kocht Noor – een boot met een diepe kiel en een polyester romp – in Zeeland op advies van een bevriende scheepsbouwer. Noor heeft alles wat je nodig hebt voor een knus, zij het opgepropt leven aan boord: een bootfornuis voor één pannetje, een bankje, een badkamertje en een gezellige voorkajuit, nu B’s slaapkamer.

Maar het leven op Lieve Noor betekent ook dat hij het comfort dat landrotten als vanzelfsprekend beschouwen, moet missen. Het voordek van de Noor is zijn tuin, internet krijgt hij via een hotspot of helemaal niet en als hij wil douchen moet hij met een muntje naar een gedeelde douche in het park. ‘Ik vind het niet erg, een koude douche kan ook lekker zijn.’

Hij heeft zichzelf alles moeten leren over de bedrading in een boot en hoe hij problemen met de motor moet aanpakken, om de boot ook maar een beetje leefbaar te maken. Op een boot wonen betekent dat hij voortduren dingen moet repareren en herstellen; het is een proces van ‘fouten maken en ervan leren’, zegt hij.

‘Het zijn dingen die ik nooit had meegemaakt als ik niet op een boot woonde. Ik ben ook beter na gaan denken over waar en hoe ik mijn leven wil leiden. Er zijn interessantere dingen dan huizen van steen.’

Voormalig biologiestudent Arnoud Hoorn is het helemaal met hem eens, ook al is zijn prachtige zes meter lange sloep Mea niet echt uitgerust voor een leven aan boord. Tijdens de lente ‘werd het Forum mijn kantoor’, zegt hij. ‘Mijn tuin was zo groot als ik hem wilde hebben’, maar aangezien hij geen toilet en geen douche had, moest hij het doen met het ijskoude water van het Hoornsemeer.

Ligplaatsen

Arnoud kocht Mea van een vriend van B, wat maar meer bewijst hoe hecht de gemeenschap van mensen die op het water leven is. Maar het leven zonder badkamer en vaak moeten wisselen van half illegale ligplaatsen heeft Arnoud wel aan het denken gezet.

‘Ik ben me door deze manier van leven veel meer bewust geworden van de normen van de samenleving. Mensen vinden het vaak maar niks als je zo minimalistisch leeft’, denkt hij. Aan de andere kant: ‘Ik kon wel lekker hard gitaar spelen.’

Ik vraag me vaak af of dat schone t-shirt wel echt nodig is

Ierse kunstgeschiedenisstudent Holly Baker snapt dit. Ze ligt op het moment met haar negen meter lange Berwick in het noorden van Frankrijk te wachten op een reparatie nadat ze aan wal raakte in een storm. De dubbele kiel van de Berwick zorgde ervoor dat de schade te overzien was. Holly beschrijft het leven aan boord met haar kat Hugo niet in termen van wat ze mist, maar als een overvloed aan eenvoud.

Vuil

Haar boot lag voorheen aan de Oosterhaven. ‘Ik leerde mezelf steeds beter met minder te leven.’ Ze verkleedde zich minder vaak. ‘Ik draag het liefst eenvoudige kleren die vuil kunnen worden van de boot zonder dat je dat eraan af ziet’, zegt ze.

Ze betaalt voor water per liter en ze heeft maar weinig ruimte voor vuilnis. ‘De watermeter tikt langzaam omhoog, en er past maar zoveel in de prullenbak. Zuinig zijn is de norm, en ik vraag me vaak af of dat tweede kopje thee of dat schone t-shirt wel echt nodig is’, zegt ze.

De hele stad is mijn woonkamer. Meer heb ik niet nodig

Het heeft natuurlijk ook zo zijn nadelen. Als ze mensen mee naar huis neemt, moeten ze heel stil doen. ‘Ik nam een keer een date mee en we wilden romantisch doen dus hielden we een zuiveringsritueel met kaarsen – niet echt handig op een houten boot.’ Ze leunde voorover, en voor ze het wist stond haar paardenstaart in de hens. ‘Je kan gewoon niet altijd zo romantisch zijn als je wilt!’ lacht ze.

Buren

Maar de gemeenschap op het water is een van de grootste aantrekkingskrachten van het leven aan boord. ‘Je stapt je voordeur uit en zo de stad in. Leven op het water, pal in de stad, is heel speciaal.’ Buren steken hun hoofd door de deur voor een kopje koffie, vertellen verhalen over de zee en delen tips over hoe je het best je zeilen kan wassen en wanneer het tijd is om je dek te oliën.

‘De boot is wat we gemeen hebben’, legt Holly uit. Het onderhoud van hun boot verbindt de meeste booteigenaren met elkaar; ze moeten allemaal dezelfde klusjes doen. Holly studeerde in juni af en is nu onderweg naar de Middellandse Zee. In Groningen ligt er een nieuwe boot in haar ligplaats.

De Berwick is vervangen door de slanke raceboot Fuisje. Haar eigenaar, student international relations Hedwig van der Lauw, heeft al flink wat zeilervaring. Ze heeft de Atlantische Oceaan overgestoken op een zeilreus en heeft het leven aan boord tot een kunst verheven.

Geen huisgenoten

De Berwick en Lieve Noortje waren nog redelijk grote boten, maar Fuisje was nooit bedoeld om op te wonen. ‘Ik moet echt opletten dat ik m’n hoofd niet stoot’, zegt Hedwig glimlachend. ‘Ik weet waar ik rechtop kan staan.’ Ze laat het zien, en haar kruin schampt de lamp. ‘Best raar om niet rechtop te kunnen staan in je eigen huis!’

Hedwig had echter geen keuze. Fuisje was een ongewone oplossing voor het kamertekort. ‘Hoewel ik wel graag een keer in een huis met huisgenoten zou willen wonen, dat hoort nou eenmaal bij het studentenleven, is dit voorlopig ook goed’, zegt ze.

Haar vrienden vinden het fantastisch dat ze op een boot woont. Ze komen voortdurend langs. Hedwig wijst op de Martinikerk en het Forum: ‘Het voelt wel een beetje alsof de hele stad mijn woonkamer is. Meer heb ik voorlopig niet nodig.’

English