Wetenschap
Tom Postmes en Katherine Stroebe voor een van de aardbevingsbestendig gemaakte studentenflats in Groningen Foto Reyer Boxem

‘Soms vond ik ons werk totaal nutteloos’

Eindelijk oog voor psychische bevingsschade

Tom Postmes en Katherine Stroebe voor een van de aardbevingsbestendig gemaakte studentenflats in Groningen Foto Reyer Boxem
Met hun onderzoek naar de psychische gevolgen van de aardbevingen in Groningen brachten hoogleraren Katherine Stroebe en Tom Postmes een probleem aan het licht waar tot dan toe geen enkele aandacht voor was. ‘En we zijn er nog niet.’
21 februari om 14:33 uur.
Laatst gewijzigd op 22 februari 2022
om 13:53 uur.
februari 21 at 14:33 PM.
Last modified on februari 22, 2022
at 13:53 PM.

Door René Hoogschagen

21 februari om 14:33 uur.
Laatst gewijzigd op 22 februari 2022
om 13:53 uur.

By René Hoogschagen

februari 21 at 14:33 PM.
Last modified on februari 22, 2022
at 13:53 PM.

René Hoogschagen

Freelancejournalist
Volledig bio

Freelance journalist
Full bio

Het ging ze aanvankelijk niet eens om de bevingen, de stress, of de schade aan huizen. Het ging ze om de protesten. Of het uitblijven ervan.

‘Ik reis altijd naar Amsterdam om dit soort dingen te bestuderen, nu was het dichtbij’, blikt hoogleraar sociale psychologie Katherine Stroebe terug. Dit was een mooie kans voor haar om beter te begrijpen waarom iemand de straat opgaat of juist niet. 

Hetzelfde gold voor Tom Postmes, eveneens hoogleraar sociale psychologie. ‘Als er met bakstenen gegooid wordt naar de ME –  het klinkt verschrikkelijk, maar ik vind dat machtig interessant. Eindeloos fascinerend. Met name gedoe op straat.’

Amper protest

We hebben het over begin 2014. Twee jaar eerder was de aardbeving in Huizinge, met 3,6 op de schaal van Richter de zwaarste beving die in Noord-Nederland is gemeten. Het Staatstoezicht op de Mijnen kwam daarna met een ongekend stevige conclusie: de gasproductie moest zo snel mogelijk omlaag. Hetzelfde jaar bleek dat er juist meer gas was gewonnen. Meer dan in de dertig jaar ervoor.

Maar dat er echt wel wat aan de hand was, begrepen de twee vooral van een collega die in het gebied woonde – ‘een heel nuchter mens’ volgens de onderzoekers. Zij kon niet zonder emotie over de problemen praten.

Gedoe op straat vind ik eindeloos fascinerend 

Tom Postmes

Tegelijk was er amper protest tegen de gaswinning. Ja, een enkeling die over hekken klom en af en toe een groepje op een grasveld bij een kerk. Groot kon je het niet noemen. ‘Je moest inzoomen’, volgens Postmes.

Al vrij snel werd het groter. Drie dagen voordat Postmes bij RTV Noord hun eerste online onderzoekje kon toelichten, stond Henk Kamp voor andere tv-camera’s in het gemeentehuis van Loppersum, het hart van het bevingsgebied, de nieuwe winningsplannen uit te leggen. Kamp moest zijn stem verheffen om zich verstaanbaar te maken, want buiten schreeuwden mensen om gerechtigheid.

Iets groters

Die vragenlijst waar ze mee begonnen, was achteraf gezien niet zo best, bekennen de onderzoekers. Weinig representatief en eigenlijk aan alle kanten onvoldoende, zegt Stroebe. ‘Een beetje beschamend’, zegt Postmes. 

Ze hadden andere gegevens nodig. Kwalitatief. En dus organiseerden ze een bijeenkomst met experts uit het gebied en lieten ze bachelorstudenten interviews houden met bewoners. 

Toen drong het door: het ging niet om de protesten. Er speelde iets veel groters. En dáár moest onderzoek naar komen, begrepen ze.

‘Ik weet nog dat ik in Dwingeloo op een kampeerterrein aan het lezen was en dat ik gewoon kippenvel kreeg van de verhalen van de bewoners’, zegt Stroebe. ‘Schrijnende verhalen’, vult Postmes aan. Mensen die al jaren kampen met ernstige schade, rompslomp en stress om hun veiligheid. 

Gedrag aangepast

Wat ook opviel: de bevingen lieten niet één van de geïnterviewden koud. Zelfs de stoerste man, die het hele interview had volgehouden dat het hem niks deed, bekende in de laatste zin dat hij, als het hem toch teveel werd, een rondje met de motor maakte.

Of ze nu bij elke beving een rondje om het huis liepen, of hun kinderen in een andere kamer lieten slapen, iedereen had zijn of haar gedrag aangepast nadat ze een beving hadden meegemaakt.

Ik kreeg gewoon kippenvel van de verhalen

Katherine Stroebe

‘En daar was geen aandacht voor op dat moment’, zegt Stroebe. Niet in de onderzoeken. ‘95 procent daarvan ging over de bodem en 5 procent over gebouwen’, volgens Postmes. Niemand keek naar de gevolgen van het uitblijven van perspectief, de stress en de psychische gezondheid van bewoners. Niemand vroeg naar de bewoners zelf.

Dat grotere onderzoek, naar de psychische gevolgen van de bevingen, konden ze uiteindelijk uitvoeren met de GGD in opdracht van de Nationaal Coördinator Groningen, onder de naam Groninger Perspectief.

De resultaten logen er niet om. Van de ruim 90.000 schademelders hadden er vele duizenden (2500 tot 6800) ernstige psychische of lichamelijke klachten. Het jaar erop was dat aantal enorm gestegen.

Weinig verandering

Elke keer gingen ze terug naar de bewoners met de vraag: en, hoe gaat het nu? En elke keer, rapport na rapport, adviseerden Stroebe en Postmes om maatregelen te nemen, om het psychische leed te verzachten. Maar voor de bewoners veranderde er weinig, zegt Stroebe.

Na twee jaar was de vraag: gaan we hiermee door? ‘Tot dat moment hadden wij opgeschreven: dit zijn de feiten, succes ermee’, vertelt Postmes. ‘Je zou het liefst alleen maar over feiten spreken, maar omdat je steeds weer diezelfde aanbeveling aan het herhalen bent, steeds maar weer naar die mensen teruggaat: vertel nog eens dat verhaal, vertel nog eens dat verhaal, rees de vraag: waarom is het nodig dat ik wéér hetzelfde rapport schrijf?’

‘We konden het niet verantwoorden aan ons publiek, de onderzoekers en de bewoners’, zegt Postmes. ‘Maar ook niet aan mezelf’, vult Stroebe aan. Ze werd er ‘heel boos’ van. ‘Het maakt het werk niet meer zinvol.’ Postmes knikt: ‘Ik heb fasen gehad dat ik het werk dat we deden totaal nutteloos vond.’

Balanceren

En dus gingen ze als onderzoeker voor hun gevoel ‘een drempel over’, zegt Postmes. ‘Ik vond dat echt het aller-allerlastigste moment.’ Wat ze dan deden? Letterlijk opschrijven dat ze de aanbevelingen al drie keer eerder hadden gedaan en dat ze daar niets van hadden teruggezien.

‘Het is gewoon heel erg balanceren’, zegt Stroebe. ‘Want als je niet uitgesproken bent, dan krijg je ook niet de nodige aandacht, plus: er is soms ook gewoon aanleiding om uitgesproken te zijn.’ Als iemand na zo’n beving twee nachten helemaal niet meer geslapen heeft, en wekenlang slecht slaapt, dan betekent dat echt wel wat, legt Postmes uit. 

Waarom schrijf ik wéér hetzelfde rapport?

Tom Postmes

Soms komen ze daardoor in een hoek te staan. Alsof ze namens bewoners spreken naar instanties toe, of andersom. ‘Die verwijten zijn ons ook wel gemaakt.’ 

Gelukkig zette in februari 2018 de nieuwe minister, Eric Wiebes, een dikke streep onder de gaswinning. En toen kwam alles goed.

Niet.

Al snel bleek namelijk dat er ook veel minder gebouwen verstevigd zouden worden. Terwijl de bewoners nog steeds in de stress zaten, want de bevingen zouden voorlopig niet stoppen. 

Toeslagenaffaire

En voor wie zegt: ja, heel vervelend, hoor, die bevingen, maar er gaat toch niemand dood? Het zijn er zo’n vijf per jaar, legden Stroebe en Postmes in 2018 al uit in een hoorzitting voor de Tweede Kamer. Het gaat niet om de bevingen of het gevaar voor mensenlevens, hielden ze de Kamerleden voor, het gaat om ‘de inadequate reactie op veel schade’. ‘Het systeem zelf is een stressor voor bewoners’, zegt Stroebe nu. ‘Net als in de toeslagenaffaire.’

Is het ’t allemaal wel waard geweest? ‘Ja’, zeggen ze direct en in koor. Er is ook een kentering gekomen, merken ze. Sinds het niet meer bij het ministerie van Economische Zaken ligt, maar bij Binnenlandse Zaken. Al gaat het nog steeds heel moeizaam. 

In januari vorig jaar is Postmes gestopt met het onderzoek. Hij houdt zich alleen nog bezig met het kennisplatform, om kennis beter om te zetten in beleid. Maar Stroebe is al in gesprek over fase vier, het volgende deel van het onderzoek van Gronings Perspectief, zegt ze. Van de huizen die versterkt moeten worden is immers nog maar zo’n 10 procent klaar en de gezondheid van bewoners is opnieuw achteruit gegaan, vertelt ze. ‘We zijn er nog niet.’

English