Universiteit

Economiefaculteit focust vooral op VS

Een beetje meer perspectief

Weinig studies zijn zo internationaal als economie. En toch richt het lesprogramma van de Faculteit Economie en Bedrijfskunde zich bijna uitsluitend op de Verenigde Staten en West-Europa, klagen studenten. ‘Als ze over China praten, is het alleen als de fabriek van Europa.’
8 mei om 12:32 uur.
Laatst gewijzigd op 9 mei 2023
om 9:45 uur.
mei 8 at 12:32 PM.
Last modified on mei 9, 2023
at 9:45 AM.
Avatar photo

Door Enrique Aguilar Urrutia

8 mei om 12:32 uur.
Laatst gewijzigd op 9 mei 2023
om 9:45 uur.
Avatar photo

By Enrique Aguilar Urrutia

mei 8 at 12:32 PM.
Last modified on mei 9, 2023
at 9:45 AM.

Corporate Finance (2019) door Berk en DeMarzo bespreekt aandelen en belastingen door de tarieven voor de inkomstenbelasting en de bancaire voorschriften in de Verenigde Staten – de staten worden zelfs apart aangehaald. Maar over de economische systemen in andere landen wordt met geen woord gerept.  

In International Economics (2014) van Feenstra en Taylor zou je misschien meer diversiteit verwachten. Maar daar lees je 1280 keer ‘Verenigde Staten’ en slechts 40 keer ‘Nederland’.  

En Global Business (2017) door Peng heeft het over het verhuizen van fabrieken naar het buitenland, maar zegt vrijwel niets over de kosten voor milieu en maatschappij in het ontvangende land. 

Zo gaat het met vrijwel elk studieboek binnen de Faculteit Economie en Bedrijfskunde (FEB), zegt Jianghao Xu, terwijl hij door het boek bladert voor het vak International Business. Pagina na pagina ziet hij hetzelfde. ‘Dit boek is zo Amerikaans, het voelt alsof we Amerikaanse economie studeren.’ 

Weinig uitleg

Het viel hem al aan het begin van zijn studie economie en bedrijfskunde op: bijna alle boeken die hij moest lezen, gingen over de VS of over West-Europa. Over de rest van de wereld – als die al aan bod kwam – werd weinig uitgelegd.  

‘De meeste perspectieven zijn gericht op de Europese of Amerikaanse economie, en hoe geavanceerd die zijn vergeleken met de rest van de wereld. ‘We leren alleen over internationale economie als die Europa of de VS direct raakt’, zegt Jianghao.  

Die eenzijdigheid werkt discriminatie in de hand

Van de twaalf eerstejaars economievakken is maar één studieboek niet geschreven door een Amerikaanse auteur. En dat is een slechte zaak, vindt hij. ‘Het is zorgwekkend dat je maar één gedachteschool hebt. Die eenzijdigheid werkt discriminatie en vooroordelen tegen andere plekken in de hand.’ 

Voor iemand die geboren is in China en opgroeide in India, was de belofte van een internationaal economieprogramma aan de RUG erg aantrekkelijk. Maar dat is niet wat hij nu krijgt, vindt hij. De landen van herkomst van de studenten, zegt Jianghao, worden alleen besproken als locaties voor offshoring. ‘Als ze over China praten, is het altijd alleen maar als de fabriek van Europa of van de VS. Nooit als een zelfstandige economie.’  

Zelfs Europa krijgt te weinig aandacht, zegt hij. ‘We hebben meer voorbeelden nodig uit de Eurozone en van de Europese Centrale Bank, in plaats van te leren hoe de VS iets gedaan heeft.’ 

Open blik

Jianghao is niet de enige die het curriculum van FEB te eenzijdig vindt. De Nederlandse tweedejaars economiestudent Isabella Sulter is het roerend met hem eens. ‘Je wordt getraind om naar dingen te kijken op de Amerikaanse en westerse manier. Ik vind dat de RUG ons niet het juiste gereedschap geeft om met een open blik naar internationale economieën te kijken.’ 

‘Het is eigenlijk wel treurig’, zegt ze. ‘Deze visie op economie zit ingebakken in onze tekstboeken en in al dit soort vakken. Het zou zoveel werk zijn om dat allemaal te veranderen.’  

De meeste studenten hebben waarschijnlijk geen idee wat er speelt in India

Volgens eerstejaars Martín Bartesaghi  uit Uruguay krijgen bepaalde ontwikkelingen in de wereld geen aandacht in Groningen. ‘We leren bijvoorbeeld niets over de opkomst van China.’

De Nederlandse student internationale betrekkingen Salman Hairan, die in 2020 afstudeerde in international business, noemt de diversiteit in het lesprogramma van FEB ‘slecht’. ‘Het gaat altijd over de extremen. De meeste studenten hebben waarschijnlijk geen idee wat er speelt in India of zelfs maar in Oost-Europa.’ 

Zijn ervaring met de Faculteit der Letteren is heel anders, zegt hij. Daar werken ze actief aan het minder westers maken van het lesmateriaal. ‘Internationale betrekkingen is momenteel de paradigmatische boeken aan het vervangen door artikelen die andere perspectieven bieden, voor meer diversiteit.’ 

Nederlands perspectief

Rieks Bos, directeur internationalisering bij FEB, is het met de studenten eens dat de faculteit ‘wel een beetje’ gefocust is op de VS. ‘Het idee achter internationalisering is om studenten met verschillende perspectieven te confronteren, niet om ze hierheen te halen en ze vervolgens allemaal hetzelfde perspectief te geven’, zegt hij.

‘Soms vergeten we dat het ook wel aardig is om ze een Nederlands perspectief te bieden. We horen van Amerikaanse studenten: waarom zou ik naar Nederland afreizen om daar les te krijgen uit dezelfde boeken als thuis, en dezelfde blik op dingen voorgeschoteld te krijgen?

‘Er is weinig internationalisering bij FEB in z’n geheel’, zegt universitair docent Asad Rauf, die lesgeeft over het bankwezen en internationale financiering. ‘Maar het speelt vooral bij de studieprogramma’s over economische ontwikkeling en globalisering. Daar kom je de ‘witte blik’ nog tegen. Een wat meer uitgesproken internationaal smaakje aan die programma’s zou goed zijn voor de faculteit.”

Bij studieprogramma’s over economische ontwikkeling kom je de “witte blik” nog tegen

Maar dat is nog niet zo makkelijk te regelen. ‘Vooral als het over bedrijfskunde en financiering gaat, is het moeilijk om alle Amerikaanse invloeden te wissen’, zegt Rauf. Het gaat lastig worden om beter lesmateriaal te vinden dan er nu gebruikt wordt, denkt hij. ‘Deze boeken zijn de makkelijkste manier om studenten bekend te maken met het vak.’ 

Ook economisch onderzoek wordt gedomineerd door Amerikaanse wetenschappers en Amerikaanse tijdschriften, wat het onmogelijk maakt Amerikaanse perspectieven te vermijden tijdens de les, zegt Rauf. Volgens hem willen tijdschriften je werk niet eens publiceren als je data uit andere landen gebruikt. ‘Als je wilt slagen in de wetenschap als econoom, is het essentieel dat je Amerikaanse data hebt. Anders stellen de redacteuren te veel vragen.’ 

Waarschuwing

Isabella begrijpt best dat het lastig wordt om de situatie te veranderen, zegt ze. Docenten staan volgens haar wel open voor kritiek, maar ze betwijfelt of ze er iets mee kunnen doen. Al moeten kleine stapjes mogelijk zijn, stelt ze: ‘Het zou een goed begin zijn om studenten gewoon te waarschuwen. Zo van: let op, dit is het Amerikaanse perspectief en dat is misschien niet van toepassing op elk land.’

Jianghao denkt dat het onvermijdelijk is dat het curriculum aangepast wordt. ‘Er komen meer internationale studenten uit Azië, Afrika en Zuid-Amerika, en die nemen hun gedachten en waarden met zich mee. Het is volgens mij een kwestie van tijd.’

En de faculteit onderneemt wel degelijk actie, benadrukt Bos. Zo houdt het project ‘Future-proof education’ zich bezig met het aanbieden van meer niet-westerse perspectieven. Dat zou moeten bijdragen aan de diversiteit.

De wereld globaliseert in een rap tempo, en dat zou de universiteit ook moeten doen, zegt Bos. ‘Je kunt landen niet meer behandelen als afgelegen oorden. China, delen van Afrika en veel andere gebieden gaan deel uitmaken van de wereldeconomie en dus moeten we weten hoe het daar werkt. En er zijn andere visies op hoe financiering zou moeten werken. Denk aan islamitische financiering, denk aan Turkije. Zelfs dichtbij Europa kom je al andere perspectieven tegen.’  

Maar hoe moet FEB het veranderen van het lesprogramma aanpakken? In elk geval niet door weg te gooien wat de faculteit nu biedt, zegt Bos, maar de huidige lesboeken aan te vullen met andere, en door meer perspectieven te bieden. ‘Ik denk dat er veel mogelijk is en dat er ook veel gaat veranderen.’

Engels