Gladiator

Door Wouter Sipma

Zondagavond, tegen middernacht. Morgenmiddag moet ik een presentatie geven. Niet mijn favoriete bezigheid. Laat mij maar schrijven. Onderwerp: DNA repair by Photolyases. Duur: vijf minuten. Publiek: een mix van natuur- en scheikundestudenten.

Droom

Voor ik in slaap val, denk ik nog even na. Vijf minuten, dat is eigenlijk peanuts. Geen tijd voor verdieping en met twintig presentaties is het al heel wat als iemand zich überhaupt nog iets van mijn verhaaltje herinnert. Misschien een grapje bedenken? Dat moet wel lukken.

Ik val in slaap en bevind me in een arena. Ik sta op het veld en zie op de tribunes een groen-witte zee van boze mensen. Goed, het is crisis bij de Grunneger FC, maar wat heb ík daar mee te maken? Dan wordt opeens alles blauw.

Dit is niet de Euroborg, maar de Bernouilliborg. Toch blijft de ambiance van een amfitheater. Tegenover me staat een beamer. De Z-side heeft plaatsgemaakt voor mijn klasgenoten. Het oog van de beamer kijkt me uitdagend aan. Dit wordt vechten. Ter lering, maar vooral ter vermaak.

Ritueel

De volgende dag gaat alles volgens ritueel. Standaardontbijt met verse jus, lunch met koffie in de Harmonie en daarna aan de slag. Ik laat mijn powerpoint aan twee vrienden zien en het lijkt erop dat mijn grapje werkt. Een hele opluchting en ik relax wat, misschien wel iets teveel.

We moeten zelf onze medestudenten beoordelen, maar tijdens hun presentaties ben ik er niet helemaal bij. Ik bekijk mijn powerpoint nog eens op mijn mobiel en zie ineens dat ergens een woord mist. Gelukkig heb ik in de korte pauze de mogelijkheid dat aan te passen.

Déjà vu

Dan is het mijn beurt. Ik voel mijn hart tekeer gaan. Als ik naar voren loop, komt de droom weer terug. Vijf minuten gaan in een waas voorbij. In schijnbaar willekeurige volgorde hoor ik de vooraf bedachte zinnen mijn mond uit komen. De professor wijst me op een fout in één van mijn slides (alsnog!), maar ik blijf gefocust. De uitsmijter, daar gaat het om. Ik krijg het seintje dat ik nog een minuut te gaan heb en denk, dit is het moment.

Dan is het voorbij en ik zie dat op sommige gezichten een glimlach is overgebleven. Mooi, het heeft gewerkt, ik heb gewonnen. Maar de strijd van een gladiator is nooit voorbij. Er wacht altijd een volgend gevecht, meer volksvermaak. Ik zal moeten blijven trainen, blijven oefenen. Tot ik vrij kan spreken.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Please enter your comment!
Please enter your name here