‘Er is een gebrek aan jongeren in de Haagse politiek’ (+ video)

Julian Bushoff staat op de PvdA-lijst

‘Er is een gebrek aan jongeren in de Haagse politiek’

Julian Bushoff is 23, doet twee bachelorstudies, is al een aantal jaar fractievoorzitter van de Partij van de Arbeid in de Groningse gemeenteraad en staat op een dertiende en verkiesbare plaats voor de Tweede Kamer.
10 maart om 11:19 uur.
Laatst gewijzigd op 16 mei 2021
om 21:51 uur.
maart 10 at 11:19 AM.
Last modified on mei 16, 2021
at 21:51 PM.


Door Giulia Fabrizi

10 maart om 11:19 uur.
Laatst gewijzigd op 16 mei 2021
om 21:51 uur.

By Giulia Fabrizi

maart 10 at 11:19 AM.
Last modified on mei 16, 2021
at 21:51 PM.

Giulia Fabrizi

Nieuwscoördinator
Volledig bio
News coordinator
Full bio

Fijn dat je een gaatje hebt kunnen maken in je agenda, want die is behoorlijk druk nu de Tweede Kamerverkiezingen eraan komen, hè?

‘Haha, ja dat is zeker zo. Het is echt campagnetijd en dat merk ik ook aan mijn agenda. Mijn werk bestaat nu voornamelijk uit werkbezoeken, dus bij mensen langsgaan. Deels doe ik dat digitaal, maar deels ook fysiek. En ik voer ook debatten en houd veel interviews, waarvoor ik ook veel naar Hilversum en Amsterdam ga.’

Je staat op plek 13 van de lijst van de PvdA. Als we de laatste peilingen mogen geloven, dan krijg je na 17 maart een plek in de Tweede Kamer. Hoe combineer je dat met je twee studies?

‘Ik ben begonnen met economie en ben daar later ook internationale betrekkingen bij gaan doen. Toen was ik al wel actief voor de PvdA in Groningen, maar zat ik nog niet in de gemeenteraad. Ik ben dus al even onderweg met beide studies, maar de eerlijkheid gebied me te zeggen dat mijn studies wel lijden onder mijn politieke werk. Als ik na de verkiezingen naar Den Haag mag, dan wil ik in ieder geval één studie afmaken. Dat zal waarschijnlijk internationale betrekkingen zijn, omdat ik daar verder mee ben. Ik hoop dan na een jaar die bachelor af te kunnen ronden.’ 

Er zijn niet veel studenten die ervoor kiezen twee bachelors te doen en daarnaast ook een politieke carrière ambiëren. Hoe ben jij in de politiek beland?

‘De veronderstelling is dat dit allemaal gepland is, maar eerlijk gezegd loopt het een beetje zoals het loopt. Ik liep op de middelbare school al stage bij de PvdA in Groningen en toen ik ging studeren ben ik ook actief geworden voor de jongerenvereniging. Tijdens de vorige gemeenteraadsverkiezingen heb ik me gekandideerd voor de fractie. Dat was een kans die op mijn pad kwam, die ik toen met beide handen aangreep.’ 

Dat klinkt alsof je er bijna per ongeluk in terecht bent gekomen.

‘Per ongeluk niet, ik was natuurlijk wel geïnteresseerd. Maar het is wel zo dat ik niet van tevoren heb bedacht hoe dit allemaal zou gaan lopen. Sterker nog, waar ik nu sta, dat had ik twee jaar geleden zelf niet kunnen bedenken. Voor de Tweede Kamer ging het eigenlijk ook zoals bij de gemeenteraad: ik werd voor de zomer gepeild of ik interesse had om me te kandideren. Ik heb het goed naar mijn zin in Groningen, met mijn studie, mijn vrienden, mijn werk. Ik had zelf niet bedacht dit jaar al mee te doen aan de verkiezingen.’

Toch sta je nu op de lijst. Wat hoop je in Den Haag te kunnen bereiken?

‘Als je nu ziet wat de uitdagingen zijn, zoals de wooncrisis, klimaatcrisis, coronacrisis, onderwijs. Dat zijn veel dingen die met name een jonge generatie raken en dat maakt toch dat ik dit moment wil nemen om naar Den Haag te gaan. Er is een gebrek aan jongeren in de Haagse politiek en als je dan toch een sterke mening hebt over sommige onderwerpen, dan moet je ook zelf de ballen hebben om erin te stappen en te zeggen: daar ga ik me mee bezig houden.’  

Een mooie ambitie, maar mis je dan niet het gewone studentenleven?

‘Natuurlijk twijfel ik ook wel eens. Laat ik lekker hier blijven, mijn studentenleven leiden en later naar Den Haag gaan. Als je volksvertegenwoordiger bent moet je je wel bewust zijn dat je een rol vervult waar je niet zomaar alles kunt doen. Natuurlijk kan ik een keer naar de kroeg, maar straalbezopen als een idioot door de stad lopen kan niet in mijn rol en doe ik niet. Kijk, een politiek leven is heel ongewis. Ik heb nu een kans en als ik hem niet grijp, is er geen zekerheid dat die er over vier jaar weer is. Dus doe ik het nu. 

Ik baal er ook wel eens van dat ik iets niet kan doen. En ik heb geleerd dat je mensen niet te vaak kunt afzeggen, dat je maar zo vaak aan je moeder kunt vragen om haar verjaardag een dag uit te stellen. Maar in Den Haag zitten ook mensen van vlees en bloed. Dus ja, het is hard werken, en je moet dingen laten voor de politiek, maar ook ik kan tussendoor echt wel even iets leuks doen. Een drankje met vrienden, of bij familie op bezoek. En met een beetje geluk kan ik straks niet alleen lokaal, maar ook nationaal een verschil maken op de onderwerpen die ik belangrijk vind.’