Een doekje voor het bloeden

A university is as strong as its teachers‘, luidde een recente mail van de RUG aan alle medewerkers. Het gaat over extra geld voor docenten. Een doekje voor het bloeden, constateert Gerard Jan Ritsema van Eck. ‘Helaas mogen zij die bloeden, de gewone docenten, niet meedingen naar deze schaamlap.’

Op 15 december ging een mail uit naar al het personeel die opende met de zin: A university is as strong as its teachers. Mijn hart maakte een sprongetje. Eindelijk erkenning voor al het zwoegen! If a university wants to excel, it must cherish its teaching staff, ging het verder. Zouden we dan eindelijk ook beoordeeld worden op de kwaliteit van ons onderwijs in plaats van alleen (de kwantiteit van) onze publicaties?

Nee, natuurlijk niet. Na jarenlange verwaarlozing van het onderwijs biedt het college van bestuur van de RUG maar weer eens dertig fellowships aan (waarvan de afgelopen twee jaar gemiddeld de helft werkelijk is uitgereikt) voor docenten die willen bijdragen aan innovation in teaching.

Er schijnt 3500 euro aan verbonden te zijn, dus met frisse moed wilde ik beginnen aan mijn aanvraag. Tot mijn ogen vielen op het deelnamecriterium: Teachers who are involved in the excellence tracks of the University of Groningen.

Schrijnend

Tot zover dus de interesse van het college van bestuur in het onderwijs dat ik geef, dat de meeste docenten geven, en misschien nog wel het meest schrijnend: het onderwijs dat de overgrote meerderheid van onze studenten krijgt. Want mijn eerstejaars bachelorstudenten zitten niet in een honoursklasje of op een university college, en hebben het (nog) niet geschopt tot onderzoeksmaster.

Maar ze zijn wél student aan deze universiteit, en bovendien mijn studenten. En dus wil ik ze het allerbeste onderwijs geven. En dus vat ik het persoonlijk op als het college van bestuur mij en hen categorisch de kans ontzegt op een klein steuntje in de rug, omdat wij door een wrede speling van het lot niet eens excellent zouden kunnen zijn, want ja, niet involved in an excellence track.

Minimale middelen

En zoals ik zijn er velen. Docenten die met minimale middelen toch elke keer weer voor grote, soms gigantische, groepen studenten staan. Vanuit de overtuiging dat elke student aan deze universiteit waanzinnig goed onderwijs verdient, niet alleen de honoursklasjes.

En ja, bij ons zitten ook de ongemotiveerde studenten, die het best vinden om met zesjes en een paar jaar vertraging door de studie heen te rollen. Maar ook voor hen zijn wij docenten. Ook aan hen willen we passie voor onze onderwerpen meegeven. Ook hen willen we inspireren. Juist voor deze studenten moeten wij met alle creativiteit en innovatie die we in ons hebben aan de slag. En dat doen we.

Onbetaalbaar

Maar het wordt ons niet makkelijk gemaakt. Elk jaar gaat de student-docentratio verder omlaag, terwijl ook elk jaar het rendement (in de praktijk: het slagingspercentage) omhoog moet.

Elk jaar verliezen we bosjes collega’s en hun onbetaalbare ervaring omdat de universiteit te karig is om ze een vast contract te bieden, en vrezen velen dat er ook voor hen misschien geen contractverlenging meer inzit. In zulke omstandigheden zijn de opbeurende woorden dat If a university wants to excel, it must cherish its teaching staff vooral een vernederende klap in het gezicht van de uitgeknepen ‘gewone’ docenten.

Ondersteuning

Iedere uitmuntende docent verdient erkenning. En elk initiatief waar een geldbedrag mee gemoeid is dat direct ten goede komt aan beter onderwijs, verdient ondersteuning. Maar de overgrote meerderheid van de docenten moet het stellen met één ‘Docent van het jaar’. Die krijgt 7500 euro krijgt (overigens niet eens van de universiteit zelf, maar van het Ubbo Emmius Fonds).

Daar staan dertig fellowships ter waarde van 105.000 euro tegenover voor de gelukkigen die de beste studenten in kleine groepjes mogen lesgeven. Dan krijg ik niet de indruk dat the Board wants to express that it values teachers who devote their creativity and time to the development of innovative teaching.

Als the Board werkelijk excellent onderwijs wil ondersteunen, dan zijn deze fellowships een doekje voor het bloeden. Helaas mogen zij die bloeden, de gewone docenten, niet meedingen naar deze schaamlap.

Gerard Jan Ritsema van Eck is promovendus en docent bij de faculteit Rechtsgeleerdheid. Hij schreef deze bijdrage met medewerking van Matthijs van Wolferen (promovendus en docent bij de faculteit Rechtsgeleerdheid) en hoogleraar economisch recht Hans Vedder (die zo nu en dan wel lesgeeft aan een excellence track)

1 REACTIE

  1. Mee eens. Het is tijd dat er meer geld gaat naar de dingen en mensen die er echt toe doen. Helaas gebeurt dat nu veel te weinig.

LAAT EEN REACTIE ACHTER

Reacties met een link worden beoordeeld en kunnen worden geweigerd. / Comments containing a link will be reviewed and may not be published.

Vul alstublieft uw commentaar in!
Vul hier uw naam in